1. Het totale aantal burger vliegtuigbewegingen per jaar zoals bedoeld in artikel 1mag niet hoger zijn dan 20.000 door luchtvaartuigen, met uitzondering van vastevleugelvliegtuigen met schroefaandrijving die lichter zijn dan 6.000 kg, alsmede 5.000 door vaste vleugelvliegtuigen met schroefaandrijving die lichter zijn dan 6.000 kg.
2. De geluidsbelasting veroorzaakt door burger vliegtuigbewegingen, mag tezamen met de geplande maximale geluidsbelasting door militaire vliegtuigbewegingen, de op basis van de
Luchtvaartwetvastgestelde geluidszone (KB van 18 augustus 1994, nr. 94.006455) niet overschrijden.
3. Het in artikel 1bedoelde burgermedegebruik is verboden tussen 21.00 uur en 07.00 uur.
4. Op verzoek van Den Helder Airport C.V. kan de commandant van het marinevliegkamp De Kooy besluiten het militaire luchtvaartterrein De Kooy gedurende de in het derde lid genoemde tijden voor het burgermedegebruik incidenteel open te stellen.
5. Het in het derde lid gestelde verbod geldt niet voor het burgermedegebruik dat volgens schema of vliegplan, tussen 20.00 uur en 21.00 uur had moeten arriveren, doch vanwege één van de hierna te noemen omstandigheden bij aankomst is vertraagd, indien de landing niet later dan een uur na afloop van de openingstijd, volgend uit lid 3, plaatsvindt en de gezagvoerder toestemming heeft verkregen door of namens de Staatssecretaris van Defensie:
a. onverwachte vertragende omstandigheden, die op het moment van vertrek redelijkerwijs niet hadden kunnen worden voorzien;
b. verkeersleidingstechnische redenen;
6. Het in het derde lid gestelde verbod geldt niet voor het burgermedegebruik dat volgens schema of vliegplan, tussen 20.00 uur en 21.00 uur had moeten starten, doch vanwege de één van de hierna te noemen omstandigheden bij vertrek is vertraagd, indien het vertrek niet later dan een uur na afloop van de openingstijd, volgend uit lid 3, plaatsvindt en de gezagvoerder toestemming heeft verkregen door of namens de Staatssecretaris van Defensie:
a. een technische storing van het luchtvaartuig dan wel de luchtvaarttechnische gronduitrusting;
b. extreme meteorologische omstandigheden, die een vertraging van de start volgens dat schema rechtvaardigen.