1. Aanvragen tot subsidieverlening kunnen worden ingediend voor de categorie van activiteiten bedoeld in
artikel 2, onderdeel d, van de regeling, voor zover het betreft het opstellen van een ondernemingsplan met het oog op een voorgenomen vestiging op een bedrijf met een omvang van ten minste 16 NGE.
2. Het ondernemingsplan, bedoeld in het eerste lid, beschrijft in elk geval de doelstellingen van het landbouwbedrijf, de voorgenomen bedrijfsvoering, de benodigde investeringen en de financieel-economische onderbouwing daarvan.