1. De minister verleent het bevoegd gezag van een instelling een subsidie voor het gebruik van ICT, ten behoeve van de kwaliteitsbevordering en innovatie van het onderwijs.
2. De subsidie bedraagt € 57,86 per leerling.
3. De subsidie wordt berekend op basis van:
a. het aantal leerlingen in het voorbereidend beroepsonderwijs dat op 1 oktober 2001 stond ingeschreven bij de instelling;
b. het aantal leerlingen dat op 1 oktober 2001 stond ingeschreven bij de beroepsopleidende leerweg bij de instelling;
c. 35% van het aantal leerlingen dat op 1 oktober 2001 stond ingeschreven bij de beroepsbegeleidende leerweg bij de instelling.
1. De minister zendt het bevoegd gezag van de instelling uiterlijk 31 december 2002 een beschikking omtrent de vaststelling van de subsidie, bedoeld in artikel 2.
2. Betaling van de subsidie vindt uiterlijk 31 december 2002 plaats.
Het bevoegd gezag van de instelling verantwoordt de besteding van de subsidie afzonderlijk in de jaarrekening van de instelling met inachtneming van de hierop van toepassing zijnde voorschriften.