BWBR0013998
14 artikelen
Privacyreglement politieregister Mensensmokkel Unit Services&Migratiecriminaliteit Dienst NRI
Artikel 2
1. Het register heeft tot doel de informatievoorziening in het kader van de uitvoering van artikel 2 van de Politiewet 1993binnen de Unit Services&Migratiecriminaliteit mogelijk te maken voor zover het betreft de opsporing en vervolging van verdachten van mensensmokkel en daaraan gerelateerde criminaliteit, alsmede de bestrijding daarvan.
2. Gegevens uit het register kunnen worden gebruikt ten behoeve van interne bedrijfsstatistiek, interne bedrijfsvoering en interne ontwikkeling van beleid met betrekking tot de uitvoering van de politietaak.
2. Gegevens uit het register kunnen worden gebruikt ten behoeve van interne bedrijfsstatistiek, interne bedrijfsvoering en interne ontwikkeling van beleid met betrekking tot de uitvoering van de politietaak.
Artikel 3
Het register wordt deels geautomatiseerd en deels handmatig gevoerd en is ondergebracht bij de Unit Services&Migratiecriminaliteit.
Artikel 4
1. De functioneel registerbeheerder is, onder verantwoordelijkheid van de beheerder en de registerbeheerder, belast met de zeggenschap over het register. Hij draagt zorg voor de naleving van de WPolr, het BPolren het reglement. Hij treft daartoe onder meer voorzieningen van technische en organisatorische aard ter beveiliging van het register tegen verlies of aantasting van gegevens en tegen onbevoegde kennisneming, wijziging of verstrekking daarvan. Tevens treft hij maatregelen ter bevordering van de juistheid en volledigheid van de in het register opgenomen gegevens.
2. De functioneel registerbeheerder wijst het Hoofd van de Unit Services&Migratiecriminaliteit aan als zijnde belast met de dagelijkse leiding over het gegevensbeheer.
2. De functioneel registerbeheerder wijst het Hoofd van de Unit Services&Migratiecriminaliteit aan als zijnde belast met de dagelijkse leiding over het gegevensbeheer.
Artikel 5
In het register worden gegevens opgenomen betreffende de volgende categorieën van personen:
a. verdachten;
b. onverdachte personen;
c. getuigen, aangevers en benadeelden;
d. opsporingsambtenaren en behandelend functionarissen.
a. verdachten;
b. onverdachte personen;
c. getuigen, aangevers en benadeelden;
d. opsporingsambtenaren en behandelend functionarissen.
Artikel 6
1. Omtrent de in artikel 5, onder a en b, genoemde categorieën van personen worden ten hoogste de volgende soorten van gegevens opgenomen:
a. volledige personalia;
b. adresgegevens en postcode;
c. geboortegegevens;
d. geslacht;
e. (meerdere, valse, voorgaande) nationaliteit(en);
f. (verwijzingen naar) signalementen en/of dactyloscopische gegevens;
g. (verwijzingen naar) foto's;
h. roepnaam, bijnaam, alias;
i. telefoonnummer;
j. bedrijfsgegevens;
k. (eventuele) verblijfsstatus op grond van de Vreemdelingenwet
l. datum, tijdstip, plaats, aard en andere op het misdrijf, de overtreding of het incident betrekking hebbende gegevens;
m. weergave van de afgelegde verklaringen;
n. dossiernummers;
o. verwijzingen naar gegevens in andere politieregisters.
2. Omtrent de in artikel 5, onder c, genoemde categorie van personen worden ten hoogste de volgende soorten van gegevens opgenomen:
a. volledige personalia;
b. adresgegevens en postcode;
c. geboortegegevens;
d. bedrijfsgegevens;
e. weergave van de afgelegde verklaringen.
3. Omtrent de in artikel 5, onder d, genoemde categorie van personen worden ten hoogste de volgende soorten van gegevens opgenomen:
a. volledige personalia;
b. dienstnummer, organisatieaanduiding, rang en functie;
c. telefoonnummer;
d. vermelding ambtseed of -belofte.
a. volledige personalia;
b. adresgegevens en postcode;
c. geboortegegevens;
d. geslacht;
e. (meerdere, valse, voorgaande) nationaliteit(en);
f. (verwijzingen naar) signalementen en/of dactyloscopische gegevens;
g. (verwijzingen naar) foto's;
h. roepnaam, bijnaam, alias;
i. telefoonnummer;
j. bedrijfsgegevens;
k. (eventuele) verblijfsstatus op grond van de Vreemdelingenwet
l. datum, tijdstip, plaats, aard en andere op het misdrijf, de overtreding of het incident betrekking hebbende gegevens;
m. weergave van de afgelegde verklaringen;
n. dossiernummers;
o. verwijzingen naar gegevens in andere politieregisters.
2. Omtrent de in artikel 5, onder c, genoemde categorie van personen worden ten hoogste de volgende soorten van gegevens opgenomen:
a. volledige personalia;
b. adresgegevens en postcode;
c. geboortegegevens;
d. bedrijfsgegevens;
e. weergave van de afgelegde verklaringen.
3. Omtrent de in artikel 5, onder d, genoemde categorie van personen worden ten hoogste de volgende soorten van gegevens opgenomen:
a. volledige personalia;
b. dienstnummer, organisatieaanduiding, rang en functie;
c. telefoonnummer;
d. vermelding ambtseed of -belofte.
Artikel 7
1. In aanvulling op de in artikel 6, eerste en tweede lid, genoemde gegevens worden omtrent de in artikel 5, onder a tot en met c, genoemde categorieën van personen gegevens opgenomen betreffende hun ras voor zover dit onvermijdelijk is met het oog op hun identificatie.
2. In aanvulling op de in artikel 6, eerste en tweede lid, genoemde gegevens worden omtrent de in artikel 5, onder a tot en met c, genoemde categorieën van personen gegevens opgenomen betreffende hun godsdienst of levensovertuiging en politieke gezindheid, voor zover dit onvermijdelijk is:
a. voor de juiste beoordeling van een strafbaar feit en zulk een gegeven het slachtoffer of de motieven van de dader van dat feit betreft;
b. met het oog op identificatie.
3. In aanvulling op de in artikel 6, eerste en tweede lid, genoemde gegevens worden omtrent de in artikel 5, onder a tot en met c, genoemde categorieën van personen gegevens opgenomen betreffende hun medische en psychologische kenmerken voor zover dit onvermijdelijk is met het oog op hun identificatie.
2. In aanvulling op de in artikel 6, eerste en tweede lid, genoemde gegevens worden omtrent de in artikel 5, onder a tot en met c, genoemde categorieën van personen gegevens opgenomen betreffende hun godsdienst of levensovertuiging en politieke gezindheid, voor zover dit onvermijdelijk is:
a. voor de juiste beoordeling van een strafbaar feit en zulk een gegeven het slachtoffer of de motieven van de dader van dat feit betreft;
b. met het oog op identificatie.
3. In aanvulling op de in artikel 6, eerste en tweede lid, genoemde gegevens worden omtrent de in artikel 5, onder a tot en met c, genoemde categorieën van personen gegevens opgenomen betreffende hun medische en psychologische kenmerken voor zover dit onvermijdelijk is met het oog op hun identificatie.
Artikel 8
1. De gegevens worden uit het register verwijderd wanneer deze niet meer noodzakelijk zijn voor het doel van het register, en zodra mogelijk vernietigd.
2. De gegevens worden in ieder geval uit het register verwijderd na verloop van 10 jaar na het jaar van laatste opname.
3. Gegevens opgenomen over de categorie personen bedoeld in artikel 5 onder bvan dit reglement worden bewaard overeenkomstig de bepalingen van artikel 5a Wpolr.
4. Indien noodzakelijk voor het doel van het register kan de functioneel registerbeheerder bij besluit afwijken van het bepaalde in het tweede lid.
2. De gegevens worden in ieder geval uit het register verwijderd na verloop van 10 jaar na het jaar van laatste opname.
3. Gegevens opgenomen over de categorie personen bedoeld in artikel 5 onder bvan dit reglement worden bewaard overeenkomstig de bepalingen van artikel 5a Wpolr.
4. Indien noodzakelijk voor het doel van het register kan de functioneel registerbeheerder bij besluit afwijken van het bepaalde in het tweede lid.
Artikel 10
Rechtstreekse toegang tot het register, dan wel onderdelen daarvan, hebben personen die daartoe overeenkomstig de WPolren het BPolrdoor de functioneel registerbeheerder zijn geautoriseerd. De autorisatie geeft aan voor welk doel de rechtstreekse toegang wordt verleend. Op verzoek wordt inzage gegeven in de autorisaties.
Artikel 11
1. Van iedere verstrekking die rechtstreeks langs geautomatiseerde weg geschiedt, wordt overeenkomstig de WPolren het BPolraantekening gehouden.
2. Van iedere verstrekking die niet rechtstreeks langs geautomatiseerde weg geschiedt, wordt overeenkomstig de WPolren het BPolraantekening gehouden, tenzij overeenkomstig het doel wordt verstrekt aan vaste gebruikers.
3. Vaste gebruikers zijn:
a. personen die geautoriseerd zijn tot rechtstreekse toegang;
b. overige door de functioneel registerbeheerder bij besluit aan te wijzen personen of instanties aan wie bijna dagelijks gegevens worden verstrekt.
2. Van iedere verstrekking die niet rechtstreeks langs geautomatiseerde weg geschiedt, wordt overeenkomstig de WPolren het BPolraantekening gehouden, tenzij overeenkomstig het doel wordt verstrekt aan vaste gebruikers.
3. Vaste gebruikers zijn:
a. personen die geautoriseerd zijn tot rechtstreekse toegang;
b. overige door de functioneel registerbeheerder bij besluit aan te wijzen personen of instanties aan wie bijna dagelijks gegevens worden verstrekt.
Artikel 12
1. Een geregistreerde kan de functioneel registerbeheerder ingevolge artikel 20 van de WPolr verzoeken hem mede te delen:
a. of hij in het register voorkomt;
b. welke gegevens over hem in het register zijn opgenomen;
c. van wie of van welke instanties de in het register over hem opgenomen gegevens zijn verkregen;
d. aan wie of aan welke instanties gegevens over hem zijn verstrekt.
2. Een verzoek tot kennisneming dient schriftelijk gericht te worden aan de functioneel registerbeheerder, t.a.v. de privacyfunctionaris (Postbus 3016, 2700 KX Zoetermeer). Het verzoek is ontvankelijk na ontvangst van de betaling van € 4,50 (viereneenhalve euro) op bankrekening nr. 1923.25.523 ten name van KLPD 404, CRI te Zoetermeer onder vermelding van 'privacyverzoek'.
3. Een verzoek tot kennisneming wordt ten aanzien van minderjarigen die de leeftijd van 16 jaren nog niet hebben bereikt, en ten aanzien van onder curatele gestelden gedaan door hun wettelijke vertegenwoordigers.
4. Een verzoek tot kennisneming kan, onder overlegging van een bijzondere daartoe strekkende schriftelijke machtiging, namens de betrokkene worden gedaan door diens advocaat of procureur.
5. Een verzoek tot kennisneming kan, onder overlegging van een bijzondere daartoe strekkende schriftelijk machtiging, namens de betrokkene eveneens worden gedaan door een ander. Mededelingen aan een dergelijke gemachtigde vinden niet plaats indien aangenomen kan worden dat deze mede een zelfstandig belang heeft bij de mede te delen gegevens of indien tegen hem ernstige bezwaren bestaan.
6. Op een verzoek tot kennisneming wordt binnen vier weken nadat het verzoek ontvankelijk is, beslist.
7. De functioneel registerbeheerder draagt zorg voor een deugdelijke vaststelling van de identiteit van de verzoeker. De behandelend functionaris kan verlangen dat de verzoeker hem bescheiden toont waaruit zijn identiteit blijkt alsmede die van degene namens wie hij optreedt.
8. Aan een verzoek tot kennisneming wordt geen gevolg gegeven, voor zover dit noodzakelijk is voor de goede uitvoering van de politietaak of wanneer een gewichtig belang van een derde dan wel het belang van opsporingsonderzoek daartoe noodzaakt.
9. In geen geval worden mededelingen in antwoord op een verzoek tot kennisneming in schriftelijke vorm gedaan.
a. of hij in het register voorkomt;
b. welke gegevens over hem in het register zijn opgenomen;
c. van wie of van welke instanties de in het register over hem opgenomen gegevens zijn verkregen;
d. aan wie of aan welke instanties gegevens over hem zijn verstrekt.
2. Een verzoek tot kennisneming dient schriftelijk gericht te worden aan de functioneel registerbeheerder, t.a.v. de privacyfunctionaris (Postbus 3016, 2700 KX Zoetermeer). Het verzoek is ontvankelijk na ontvangst van de betaling van € 4,50 (viereneenhalve euro) op bankrekening nr. 1923.25.523 ten name van KLPD 404, CRI te Zoetermeer onder vermelding van 'privacyverzoek'.
3. Een verzoek tot kennisneming wordt ten aanzien van minderjarigen die de leeftijd van 16 jaren nog niet hebben bereikt, en ten aanzien van onder curatele gestelden gedaan door hun wettelijke vertegenwoordigers.
4. Een verzoek tot kennisneming kan, onder overlegging van een bijzondere daartoe strekkende schriftelijke machtiging, namens de betrokkene worden gedaan door diens advocaat of procureur.
5. Een verzoek tot kennisneming kan, onder overlegging van een bijzondere daartoe strekkende schriftelijk machtiging, namens de betrokkene eveneens worden gedaan door een ander. Mededelingen aan een dergelijke gemachtigde vinden niet plaats indien aangenomen kan worden dat deze mede een zelfstandig belang heeft bij de mede te delen gegevens of indien tegen hem ernstige bezwaren bestaan.
6. Op een verzoek tot kennisneming wordt binnen vier weken nadat het verzoek ontvankelijk is, beslist.
7. De functioneel registerbeheerder draagt zorg voor een deugdelijke vaststelling van de identiteit van de verzoeker. De behandelend functionaris kan verlangen dat de verzoeker hem bescheiden toont waaruit zijn identiteit blijkt alsmede die van degene namens wie hij optreedt.
8. Aan een verzoek tot kennisneming wordt geen gevolg gegeven, voor zover dit noodzakelijk is voor de goede uitvoering van de politietaak of wanneer een gewichtig belang van een derde dan wel het belang van opsporingsonderzoek daartoe noodzaakt.
9. In geen geval worden mededelingen in antwoord op een verzoek tot kennisneming in schriftelijke vorm gedaan.
Artikel 13
1. Een geregistreerde aan wie ingevolge artikel 20 van de WPolrkennisneming is verleend, kan de functioneel registerbeheerder ingevolge artikel 22 van de WPolrverzoeken:
a. bepaalde gegevens over hem te verbeteren;
b. bepaalde gegevens over hem aan te vullen;
c. bepaalde gegevens over hem te verwijderen;
d. bepaalde gegevens over hem af te schermen.
2. Een correctieverzoek dient schriftelijk gericht te worden aan de functioneel registerbeheerder, ter attentie van de privacyfunctionaris (Postbus 3016, 2700 KX Zoetermeer). In het verzoek dient de gewenste verbetering, aanvulling of verwijdering aangegeven te worden.
3. Een correctieverzoek wordt ten aanzien van minderjarigen die de leeftijd van 16 jaren nog niet hebben bereikt, en ten aanzien van onder curatele gestelden gedaan door hun wettelijke vertegenwoordigers.
4. Een correctieverzoek kan, onder overlegging van een bijzondere daartoe strekkende schriftelijke machtiging, namens de betrokkene worden gedaan door diens advocaat of procureur.
5. Een correctieverzoek kan, onder overlegging van een bijzondere daartoe strekkende schriftelijk machtiging, namens de betrokkene eveneens worden gedaan door een ander. Verstrekking aan een dergelijke gemachtigde vindt niet plaats indien aangenomen kan worden dat deze mede een zelfstandig belang heeft bij de te verstrekken gegevens of indien tegen hem ernstige bezwaren bestaan.
6. Op een correctieverzoek wordt binnen vier weken nadat het verzoek ontvangen is, schriftelijk beslist. Een weigering wordt gemotiveerd.
a. bepaalde gegevens over hem te verbeteren;
b. bepaalde gegevens over hem aan te vullen;
c. bepaalde gegevens over hem te verwijderen;
d. bepaalde gegevens over hem af te schermen.
2. Een correctieverzoek dient schriftelijk gericht te worden aan de functioneel registerbeheerder, ter attentie van de privacyfunctionaris (Postbus 3016, 2700 KX Zoetermeer). In het verzoek dient de gewenste verbetering, aanvulling of verwijdering aangegeven te worden.
3. Een correctieverzoek wordt ten aanzien van minderjarigen die de leeftijd van 16 jaren nog niet hebben bereikt, en ten aanzien van onder curatele gestelden gedaan door hun wettelijke vertegenwoordigers.
4. Een correctieverzoek kan, onder overlegging van een bijzondere daartoe strekkende schriftelijke machtiging, namens de betrokkene worden gedaan door diens advocaat of procureur.
5. Een correctieverzoek kan, onder overlegging van een bijzondere daartoe strekkende schriftelijk machtiging, namens de betrokkene eveneens worden gedaan door een ander. Verstrekking aan een dergelijke gemachtigde vindt niet plaats indien aangenomen kan worden dat deze mede een zelfstandig belang heeft bij de te verstrekken gegevens of indien tegen hem ernstige bezwaren bestaan.
6. Op een correctieverzoek wordt binnen vier weken nadat het verzoek ontvangen is, schriftelijk beslist. Een weigering wordt gemotiveerd.
Artikel 14
1. Het reglement wordt voor een ieder ter inzage gelegd bij de Dienst NRI/Unit Services&Migratiecriminaliteit te Zoetermeer, alsmede bij de voorlichtingsdienst van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
2. Het reglement treedt in werking met ingang van 1 juni 2002.
3. Het reglement kan worden aangehaald als: Reglement politieregister Mensensmokkel Unit Services&Migratiecriminaliteit Dienst NRI.
2. Het reglement treedt in werking met ingang van 1 juni 2002.
3. Het reglement kan worden aangehaald als: Reglement politieregister Mensensmokkel Unit Services&Migratiecriminaliteit Dienst NRI.