1. Een heffingplichtige die in 1998 dieren van diercategorie 110, 111 of 112 heeft aangevoerd op zijn bedrijf, is in dat jaar ten aanzien van dat bedrijf vrijgesteld van de heffingen, bedoeld in
titel 2van
hoofdstuk IV van de wet, tot een overeenkomstig het tweede lid bepaalde belastbare hoeveelheid mineralen, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat en stikstof, indien is voldaan aan elk van de volgende voorwaarden:
a. op het bedrijf werden in 1997 dieren van de desbetreffende diercategorieën gehouden;
b. op het bedrijf werden op 1 januari 1998 geen dieren van de desbetreffende diercategorieën gehouden;
c. het gemiddeld in 1998 op het bedrijf gehouden aantal dieren van andere diercategorieën dan 110, 111 of 112, uitgedrukt in grootvee-eenheden, overeenkomstig de daarvoor in bijlage A bij de wet opgenomen normen, is niet groter dan tien.
2. De belastbare hoeveelheid mineralen waarvoor de vrijstelling geldt wordt bepaald door het aantal dieren van elk van de in het eerste lid genoemde diercategorieën dat op het bedrijf werd gehouden op 31 december 1998 te vermenigvuldigen met de voor de desbetreffende diercategorie in onderstaande tabel aangegeven hoeveelheid fosfaat, onderscheidenlijk stikstof, en de aldus berekende hoeveelheden fosfaat, onderscheidenlijk stikstof bij elkaar op te tellen.
3. Voor de toepassing van dit artikel wordt het aantal dieren van de diercategorieën 110, 111 of 112 dat in aanmerking is genomen bij de bepaling van de belastbare hoeveelheid mineralen waarvoor in 1998 ingevolge de Vrijstellingsregeling gestarte en uitgebreide bedrijven Meststoffenwet een vrijstelling gold, buiten beschouwing gelaten.
[tabel]