Het bedrag waaraan het rekeninkomen ingevolge
artikel 11, eerste lid, onderdeel b, van de Wet bevordering eigenwoningbezitten minste gelijk moet zijn, is per 1 juli 2002:
a. voor een eenpersoonshuishouden: € 11.700;
b. voor een tweepersoonshuishouden: € 14.950;
c. voor een eenpersoonsouderenhuishouden: € 11.750 en
d. voor een tweepersoonsouderenhuishouden: € 14.650.