1. Een gemeente komt in aanmerking voor subsidie indien zij in overleg met het betrokken bevoegd gezag of de betrokken bevoegde gezagsorganen en met de oalt-leraren voor wie de subsidie bedoeld is een plan opstelt. Door medeondertekening van het plan geven het betrokken bevoegd gezag of de betrokken bevoegde gezagsorganen en de oalt-leraren aan dat zij instemmen met het plan.
2. Het plan moet in ieder geval de volgende gegevens bevatten:
de naam van de rechtspersoon waarbij de oalt-leraar in dienst is;
de naam van de aanvragende gemeente;
als de rechtspersoon een school in stand houdt tevens naam, vestigingsadres en brinnummer van de school;
de naam of namen van de betrokken oalt-leraar of oalt-leraren ten behoeve van wie de subsidie wordt besteed;
de onderscheiden scholingstrajecten met daarbij het aantal oalt-leraren dat zo’n scholingstraject gaat volgen;
de naam van de instelling of instellingen waar de scholingstrajecten gevolgd zullen worden;
de periode waarbinnen de scholingstrajecten gevolgd zullen worden;
het gevraagde subsidiebedrag uitgaande van het bepaalde in artikel 8.
3. Ten aanzien van aanvragen die onvolledig zijn of die anderszins niet aan de eisen voldoen, wordt toepassing gegeven aan het gestelde in
artikel 4:5 van de Algemene Wet Bestuursrecht.