BWBR0013267
Geldig vanaf 2015-04-14
Artikel 5.15
Besluit SUWI
1. De SVB en het UWV zijn bevoegd op verzoek uit de onder hun verantwoordelijkheid gevoerde administraties aan instanties, genoemd in <a href="/wet/BWBR0013060/artikel/73" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 73, eerste en tweede lid, van de Wet SUWI</a>, en derden, bedoeld in artikel 5.12, tweede lid, persoonsgegevens, gegevens over de uitkeringsverhouding en over opleiding en werkervaring te verstrekken.
2. De in het eerste lid bedoelde gegevens, niet zijnde bijzondere categorieën van persoonsgegevens en persoonsgegevens van strafrechtelijke aard als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0040940" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">paragraaf 3.1</a>respectievelijk <a href="/wet/BWBR0040940" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">paragraaf 3.2 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming</a>, kunnen door de SVB en het UWV systematisch worden verstrekt aan de instanties, genoemd in <a href="/wet/BWBR0013060/artikel/73" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 73, eerste en tweede lid</a>, indien met de desbetreffende instantie overeenstemming is bereikt over de te verstrekken gegevens, de omstandigheden waaronder, de regelmaat waarmee en de wijze waarop die verstrekking plaatsvindt, vast te leggen in een besluit, dat op adequate wijze wordt bekendgemaakt.
3. De bevoegdheid op grond van het eerste lid geldt ook voor het UWV voor het verstrekken van andere gegevens dan bedoeld in artikel 5.12, die door het UWV worden verwerkt op grond van <a href="/wet/BWBR0013060/artikel/33a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 33a van de Wet SUWI</a>.
4. Bij ministeriële regeling wordt bepaald welke gegevens op grond van het derde lid worden verstrekt.
5. Bij het verstrekken van gegevens op grond van dit artikel worden kosten in rekening gebracht. Bij ministeriële regeling worden hiervoor nadere regels gesteld.
2. De in het eerste lid bedoelde gegevens, niet zijnde bijzondere categorieën van persoonsgegevens en persoonsgegevens van strafrechtelijke aard als bedoeld in <a href="/wet/BWBR0040940" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">paragraaf 3.1</a>respectievelijk <a href="/wet/BWBR0040940" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">paragraaf 3.2 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming</a>, kunnen door de SVB en het UWV systematisch worden verstrekt aan de instanties, genoemd in <a href="/wet/BWBR0013060/artikel/73" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 73, eerste en tweede lid</a>, indien met de desbetreffende instantie overeenstemming is bereikt over de te verstrekken gegevens, de omstandigheden waaronder, de regelmaat waarmee en de wijze waarop die verstrekking plaatsvindt, vast te leggen in een besluit, dat op adequate wijze wordt bekendgemaakt.
3. De bevoegdheid op grond van het eerste lid geldt ook voor het UWV voor het verstrekken van andere gegevens dan bedoeld in artikel 5.12, die door het UWV worden verwerkt op grond van <a href="/wet/BWBR0013060/artikel/33a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 33a van de Wet SUWI</a>.
4. Bij ministeriële regeling wordt bepaald welke gegevens op grond van het derde lid worden verstrekt.
5. Bij het verstrekken van gegevens op grond van dit artikel worden kosten in rekening gebracht. Bij ministeriële regeling worden hiervoor nadere regels gesteld.