Artikel 1
1. De directeur stelt in aanvulling op de bij of krachtens de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen gegeven regels, met inachtneming van het model opgenomen in de bijlage en de daarbij gegeven aanwijzingen, de huisregels van zijn inrichting vast.
2. De directeur stelt de huisregels van zijn inrichting binnen drie maanden na inwerkingtreding van deze regeling vast.
3. De directeur zendt de huisregels van zijn inrichting aan de Minister van Justitie. Een wijziging van de huisregels van zijn inrichting zendt de directeur binnen een maand na vaststelling van de wijziging, aan de Minister van Justitie.
2. De directeur stelt de huisregels van zijn inrichting binnen drie maanden na inwerkingtreding van deze regeling vast.
3. De directeur zendt de huisregels van zijn inrichting aan de Minister van Justitie. Een wijziging van de huisregels van zijn inrichting zendt de directeur binnen een maand na vaststelling van de wijziging, aan de Minister van Justitie.