1. De activiteiten in het kader van een scholing- en trainingsprogramma kunnen aangeboden worden door de reclassering, de gecertificeerde instelling, bedoeld in
artikel 1.1 van de Jeugdwet, een werkgever of een derde organisatie.
2. Bij de aanvraag om erkenning van het scholings- en trainingsprogramma vermeldt de organisatie de erkenning of toelating, indien het scholings- en trainingsprogramma of een substantieel gedeelte daarvan uitgevoerd wordt door een derde-organisatie die:
a. op grond van de Wet bijzondere opnemingen psychiatrische ziekenhuizen als zorginstelling is aangemerkt;
b. een instelling is als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel f, van de Wet toelating zorginstellingen die is toegelaten voor het verlenen van zorg als bedoeld in artikel 3.1.1 van de Wet langdurige zorg;
c. door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap is erkend als onderwijsinstelling.
3. Indien het scholing- en trainingsprogramma of een substantieel gedeelte daarvan uitgevoerd wordt door een derde-organisatie, die niet door een in het tweede lid genoemd Ministerie of krachtens een daar genoemde wet erkend of toegelaten is, wordt bij de aanvraag om erkenning van het scholings- en trainingsprogramma de betrouwbaarheid van de derde-organisatie getoetst.