1. Het zakgeld kan - tot ten hoogste het zakgeld van zeven dagen - worden aangewend tot vergoeding van schade die het gevolg is van een onrechtmatige daad van de jeugdige.
2. Voor zover niet anders is bepaald in deze regeling en behoudens het bepaalde in
artikel 55, eerste lid, onder e, van de wetzijn aanspraken op zakgeld onvervreemdbaar.