Artikel 1
1. De subsidieplafonds voor het in 2001 verlenen van subsidies op grond van de Subsidieregeling innovatiegerichte onderzoekprogramma's worden vastgesteld op:
a. f 4.175.561,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma oppervlakte-technologie, ontvangen in de periode van 1 april 2001 tot en met 30 april 2001;
b. f 3.943.000,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma mens machine interactie, ontvangen in de periode van 15 maart 2001 tot en met 15 april 2001;
c. f 22.000.000,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma genomics, ontvangen in de periode van 15 maart 2001 tot en met 15 april 2001.
2. Het subsidieplafond wordt verdeeld op de wijze, bepaald in artikel 10, tweede lid, van de Subsidieregeling innovatiegerichte onderzoekprogramma's.
a. f 4.175.561,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma oppervlakte-technologie, ontvangen in de periode van 1 april 2001 tot en met 30 april 2001;
b. f 3.943.000,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma mens machine interactie, ontvangen in de periode van 15 maart 2001 tot en met 15 april 2001;
c. f 22.000.000,00 voor aanvragen inzake het onderzoekprogramma genomics, ontvangen in de periode van 15 maart 2001 tot en met 15 april 2001.
2. Het subsidieplafond wordt verdeeld op de wijze, bepaald in artikel 10, tweede lid, van de Subsidieregeling innovatiegerichte onderzoekprogramma's.