1. Ten aanzien van de persoon die gedurende een gedeelte van het kalenderjaar niet premieplichtig is ingevolge
artikel 15a, eerste lid, van de wet doch wel belastingplichtig is voor de inkomstenbelasting en op wie artikel 2 niet van toepassing is, wordt voor de premieheffing het premie-inkomen naar tijdsevenredigheid afgeleid van het premie-inkomen dat in aanmerking zou zijn genomen indien de premieplicht ingevolge
artikel 15a, eerste lid, van de wet volledig zou zijn samengevallen met de belastingplicht.
2. In afwijking in zoverre van het eerste lid wordt als premie-inkomen geen hoger bedrag in aanmerking genomen dan het premie-inkomen verminderd met het gedeelte daarvan waarop, ingevolge een internationale regeling inzake sociale zekerheid die tussen Nederland en een of meer andere mogendheden van kracht is, de wetgeving van een andere mogendheid van toepassing is, of dat, bij gebreke van een internationale regeling, is onderworpen aan premieheffing krachtens een wettelijke regeling inzake ziektekosten van een andere mogendheid.