1. De vergoeding bedoeld in artikel 5wordt, ingeval het lid gebruik maakt van een eigen vervoermiddel en zijn woonhuis is gelegen in een gemeente die meer dan 10 kilometer is verwijderd van de gemeente waarin de vergadering wordt gehouden, vermeerderd met een vergoeding voor elke afgelegde kilometer. Deze vergoeding is gebaseerd op het
Reisbesluit binnenland.
2. De vergoeding bedoeld in artikel 5wordt, ingeval het lid gebruik maakt van een openbaar vervoermiddel en zijn woonhuis is gelegen in een gemeente die meer dan 10 kilometer is verwijderd van de gemeente waarin de vergadering wordt gehouden, vermeerderd met:
a. de kosten voor een retourbiljet (1e klasse) van het gebruikte openbaar vervoer;
b. de gemaakte kosten voor plaatselijk vervoer in de gemeente, waarin de vergadering wordt gehouden.