BWBR0011453
Geldig vanaf 2020-08-01
Artikel 4.3
Wet studiefinanciering 2000
1. De studiefinanciering van de mbo-student die zonder geldige reden niet aan het onderwijs heeft deelgenomen gedurende een aaneengesloten periode van ten minste 5 weken, bestaat met uitzondering van de reisvoorziening geheel uit een lening met ingang van de eerste dag van de maand volgend op de maand waarin de afwezigheid zonder geldige reden aanving. De periode van 5 weken wordt verlengd met de weken waarin vanwege vakantie geen onderwijs werd verzorgd.
2. In afwijking van het eerste lid kan bij ministeriële regeling worden bepaald dat voor soorten van beroepsonderwijs het eerste lid van overeenkomstige toepassing is, indien een mbo-student in een of meer onderwijseenheden zonder geldige reden niet aan het onderwijs heeft deelgenomen.
3. Uitsluitend de in <a href="/wet/BWBR0007625/artikel/8.1.7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 8.1.7, negende lid, WEB</a>genoemde redenen voor afwezigheid zijn geldige redenen.
2. In afwijking van het eerste lid kan bij ministeriële regeling worden bepaald dat voor soorten van beroepsonderwijs het eerste lid van overeenkomstige toepassing is, indien een mbo-student in een of meer onderwijseenheden zonder geldige reden niet aan het onderwijs heeft deelgenomen.
3. Uitsluitend de in <a href="/wet/BWBR0007625/artikel/8.1.7" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 8.1.7, negende lid, WEB</a>genoemde redenen voor afwezigheid zijn geldige redenen.