1. Het gemeentebestuur ontvangt de bijdrage in vijf jaarlijkse termijnen, die telkens voor 1 juli betaalbaar worden gesteld.
2. in afwijking van het eerste lid ontvangt het gemeentebestuur de jaartermijn 2001 van de in artikel 4, onder b, bedoelde middelen, voor 15 december 2001, onder voorbehoud van goedkeuring van de daarmee verband houdende wijziging van het meerjarig ontwikkelingsprogramma. In deze wijziging die voor 1 december 2001 wordt ingediend, geeft het gemeentebestuur aan op welke manier er vorm is gegeven aan burgerparticipatie en op welke wijze het bedrag van de rijksbijdrage met tenminste de helft wordt vermeerderd.
3. In afwijking van het eerste lid ontvangt het gemeentebestuur de in artikel 4, onder c, bedoelde middelen, voor 15 december 2001, onder voorbehoud van goedkeuring van de daarmee verband houdende wijziging van het meerjarig ontwikkelingsprogramma. In deze wijziging geeft het gemeentebestuur aan op welke manier er vorm is gegeven aan de betrokkenheid van het bedrijfsleven en waaraan een door het bedrijfsleven beschikbaar gesteld bedrag dat tenminste gelijk is aan de rijksmiddelen wordt besteed.
4. Indien het gemeentebestuur een aanvulling op het meerjarig ontwikkelingsprogramma vaststelt ten behoeve van de realisering van de doelstelling als vermeld in artikel 4, onderdeel d, ontvangt het gemeentebestuur, in afwijking van het eerste lid, voor 1 oktober 2003 de bijdrage voor 2003, als vermeld in de bijlagebij deze regeling. Het gemeentebestuur zendt daartoe de aanvulling op het meerjarig ontwikkelingsprogramma uiterlijk 1 september 2003 aan de minister.
5. Indien het gemeentebestuur een aanvulling op het meerjarig ontwikkelingsprogramma vaststelt ten behoeve van de realisering van de doelstelling als vermeld in artikel 4, onderdeel e, ontvangt het gemeentebestuur, in afwijking van het eerste lid, voor de jaartermijn 2003 voor 1 oktober 2003 een bijdrage. De bijdrage bedraagt € 6.424 per regulier gemaakte instroom/doorstroombaan, of arbeidsmarkttoeleidingstraject voor toezichthouders of het aantal gerealiseerde aanvullende opleidingen voor toezichthouders, tot een maximum zoals vermeld in de bijlagebij deze regeling. Het gemeentebestuur zendt daartoe de aanvulling op het meerjarig ontwikkelingsprogramma uiterlijk 1 september 2003 aan de minister. Indien een gemeentebestuur op basis van de prestaties ten behoeve van de realisering van de doelstelling als vermeld in artikel 4, onderdeel e, niet in aanmerking komt voor het maximumbedrag als vermeld in de bijlagebij deze regeling, zal het resterende bedrag op basis van het bedrag per eenheid en naar evenredigheid worden toegekend aan de gemeentebesturen die op basis van de prestaties ten behoeve van de realisering van de doelstelling als vermeld in artikel 4, onderdeel e, een hogere bijdrage hadden kunnen ontvangen dan het maximumbedrag als vermeld in de bijlagebij deze regeling.
6. Met betrekking tot de doelstellingen genoemd in artikel 4, onderdelen a tot en met c, ontvangt het gemeentebestuur voor het jaar 2004, onder voorwaarde van een evenredige verhoging van de reeds in het bestaande meerjarig ontwikkelingsprogramma opgenomen prestaties bedoeld in artikel 5, derde lidvan deze regeling, een bijdrage, als vermeld in de bijlagebij deze regeling. In deze bijdrage zijn tevens begrepen de middelen ten behoeve van de doelstellingen, zoals genoemd in artikel 4, onderdelen f en g.
7. In afwijking van het eerste lid ontvangt het gemeentebestuur voor 31 december 2003 een bijdrage als vermeld in de bijlagebij deze regeling ten behoeve van de realisering in samenhang met de doelstellingen als vermeld in artikel 4, onderdelen a en b.