De plaatsvervangende leden van de centrale commissie ontvangen een vergoeding per vergadering die gelijk is aan de vergoeding per vergadering die andere leden dan de voorzitter van een adviescollege ten hoogste ontvangen volgens artikel 3 van het Vergoedingenbesluit adviescolleges.
De voorzitter, de leden en de plaatsvervangende leden van de centrale commissie hebben recht op vergoeding van reis- en verblijfkosten overeenkomstig het Reisbesluit binnenlanden het Reisbesluit buitenland.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 april 1999.