Artikel 1
Als perioden, bedoeld in artikel 2.6, eerste lid, van de Regeling dierlijke EG-premies, worden vastgesteld:
a. voor het melden van overgedragen premierechten zoogkoeien, bedoeld in artikel 3.8 van de Regeling dierlijke EG-premies: het tijdvak van 15 juni 1999 tot en met 30 juni 1999;
b. voor het aanvragen van premie, bedoeld in artikel 2.4, eerste lid, van de Regeling dierlijke EG-premies, over het jaar 1999 voor zoogkoeien: het tijdvak van 2 augustus 1999 tot en met 3 september 1999;
c. voor het aanvragen van specifieke premierechten voor zoogkoeien, bedoeld in artikel 3.4 van de Regeling dierlijke EG-premies: het tijdvak van 2 augustus 1999 tot en met 28 september 1999.
a. voor het melden van overgedragen premierechten zoogkoeien, bedoeld in artikel 3.8 van de Regeling dierlijke EG-premies: het tijdvak van 15 juni 1999 tot en met 30 juni 1999;
b. voor het aanvragen van premie, bedoeld in artikel 2.4, eerste lid, van de Regeling dierlijke EG-premies, over het jaar 1999 voor zoogkoeien: het tijdvak van 2 augustus 1999 tot en met 3 september 1999;
c. voor het aanvragen van specifieke premierechten voor zoogkoeien, bedoeld in artikel 3.4 van de Regeling dierlijke EG-premies: het tijdvak van 2 augustus 1999 tot en met 28 september 1999.