1. Het subsidiebedrag, bedoeld in artikel 4:31, eerste lid, van de Awb, wordt in twee gelijke gedeelten bij wijze van voorschot betaald.
2. 2. Indien in de beschikking tot subsidieverlening is vastgesteld dat het boekjaar een kalenderjaar is, geschiedt dit in het tweede en vierde kwartaal van het boekjaar.
3. Indien in de beschikking tot subsidieverlening is vastgesteld dat het boekjaar een studiejaar is, geschiedt dit in het eerste en derde kwartaal van het boekjaar.
1. De minister stelt de subsidie voor twee of meer boekjaren jaarlijks binnen dertien weken na ontvangst van de daartoe verstrekte periodieke gegevens, bedoeld in het tweede lid, ambtshalve vast.
2. De ambtshalve vaststelling van de subsidie geschiedt op basis van de aan de minister verstrekte periodieke gegevens, bedoeld in artikel 4:67, tweede lid, van de Awb.
3. Het leveren van periodieke gegevens gaat minimaal eenmaal per boekjaar vergezeld van een verklaring van de accountant als bedoeld in het derde lid van artikel 4:78 van de Awb.