Artikel 1
1. Aanvragen voor de verlening van een subsidie voor investeringsprojecten als bedoeld in artikel 3.1 van de Investeringsregeling markt en concurrentiekracht kunnen worden ingediend vanaf 8 februari 1999 tot en met 1 april 1999.
2. Met betrekking tot deze aanvraagperiode:
a. wordt het subsidieplafond vastgesteld op f 5.000.000,- aan nationale middelen;
b. zijn de artikelen 7.4 en 7.5 van de Investeringsregeling markt en concurrentiekracht niet van toepassing;
c. kan slechts een aanvraag worden ingediend door exploitanten van verzamelcentra voor varkens: 1e welke op 28 juli 1998 waren erkend als verzamelcentrum als bedoeld in artikel 4.10 van de Regeling handel levende dieren en levende producten, zoals dat artikel op genoemde datum luidde;
2e die vóór 1 oktober 1998 bij de voorzitter van het Productschap voor Vee en Vlees een aanvraag hebben ingediend voor een subsidie op grond van de Subsidieregeling sanering verzamelcentra varkens, en
3e die deze aanvraag hebben ingetrokken;
1e welke op 28 juli 1998 waren erkend als verzamelcentrum als bedoeld in artikel 4.10 van de Regeling handel levende dieren en levende producten, zoals dat artikel op genoemde datum luidde;
2e die vóór 1 oktober 1998 bij de voorzitter van het Productschap voor Vee en Vlees een aanvraag hebben ingediend voor een subsidie op grond van de Subsidieregeling sanering verzamelcentra varkens, en
3e die deze aanvraag hebben ingetrokken;
d. bedraagt het subsidiepercentage 30% van de werkelijke kosten met dien verstande dat de subsidie voor de in de bijlage, onder a, b, c en d, genoemde investeringen gezamenlijk ten hoogste € 68.067,03 bedraagt, de subsidie voor de in de bijlageonder e, genoemde investering ten hoogste € 68.067,03 bedraagt, indien geïnvesteerd wordt in één wasplaats en € 113.445,05, indien geïnvesteerd wordt in meerdere wasplaatsen en de subsidie voor de in de bijlageonder f, genoemde investering ten hoogste € 45.378,02 bedraagt.
2. Met betrekking tot deze aanvraagperiode:
a. wordt het subsidieplafond vastgesteld op f 5.000.000,- aan nationale middelen;
b. zijn de artikelen 7.4 en 7.5 van de Investeringsregeling markt en concurrentiekracht niet van toepassing;
c. kan slechts een aanvraag worden ingediend door exploitanten van verzamelcentra voor varkens: 1e welke op 28 juli 1998 waren erkend als verzamelcentrum als bedoeld in artikel 4.10 van de Regeling handel levende dieren en levende producten, zoals dat artikel op genoemde datum luidde;
2e die vóór 1 oktober 1998 bij de voorzitter van het Productschap voor Vee en Vlees een aanvraag hebben ingediend voor een subsidie op grond van de Subsidieregeling sanering verzamelcentra varkens, en
3e die deze aanvraag hebben ingetrokken;
1e welke op 28 juli 1998 waren erkend als verzamelcentrum als bedoeld in artikel 4.10 van de Regeling handel levende dieren en levende producten, zoals dat artikel op genoemde datum luidde;
2e die vóór 1 oktober 1998 bij de voorzitter van het Productschap voor Vee en Vlees een aanvraag hebben ingediend voor een subsidie op grond van de Subsidieregeling sanering verzamelcentra varkens, en
3e die deze aanvraag hebben ingetrokken;
d. bedraagt het subsidiepercentage 30% van de werkelijke kosten met dien verstande dat de subsidie voor de in de bijlage, onder a, b, c en d, genoemde investeringen gezamenlijk ten hoogste € 68.067,03 bedraagt, de subsidie voor de in de bijlageonder e, genoemde investering ten hoogste € 68.067,03 bedraagt, indien geïnvesteerd wordt in één wasplaats en € 113.445,05, indien geïnvesteerd wordt in meerdere wasplaatsen en de subsidie voor de in de bijlageonder f, genoemde investering ten hoogste € 45.378,02 bedraagt.