1. De houder van varkens houdt een administratie bij van het aantal door hem gehouden varkens en van de tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond. Indien een varkenshouder op meer dan één bedrijf varkens houdt, houdt hij voor elk bedrijf afzonderlijk een administratie bij.
2. De administratie bevat de gegevens en wordt opgemaakt overeenkomstig artikel 2 van de Regeling administratieve verplichtingen Meststoffenwet.
3. De administratie bevat de gegevens en wordt opgemaakt overeenkomstig artikel 3 van de Regeling administratieve verplichtingen Meststoffenwet, indien op het bedrijf
artikel 38, eerste lid, van de Meststoffenwetvan toepassing is.
4. De administratie heeft betrekking op een jaar en wordt afgesloten vóór de eerste februari volgend op het jaar waarop deze betrekking heeft.
5. Het eerste lid is niet van toepassing op de houder van varkens die een bedrijf voert waarvan het gemiddeld in het desbetreffende jaar op het bedrijf gehouden aantal dieren van de in
bijlage A bij de Meststoffenwetonderscheiden diercategoriën, omgerekend in grootvee-eenheden overeenkomstig de in die bijlage daarvoor opgenomen normen, drie of minder bedraagt, en de gemiddeld in het desbetreffende jaar tot het bedrijf behorende oppervlakte landbouwgrond drie hectare of minder bedraagt.