1. Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
2. De voorbereiding van de beslissing tot onteigening, met betrekking waartoe voor de in het eerste lid bedoelde datum een of meer commissies als bedoeld in
artikel 10 van de onteigeningswetzijn benoemd, geschiedt met toepassing van het voor die datum geldende recht.