1. De minister verstrekt aan een centrumgemeente een uitkering voor de kosten van bijstandsverlening aan belanghebbenden zonder adres als bedoeld in
artikel 1 van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens.
2. De minister stelt de uitkering voor de centrumgemeente vast op het bedrag dat is opgenomen in de bijlage, die bij deze regeling behoort.
3. De uitkering wordt betaald als volgt:
a. 50 % op of omstreeks 1 juli 1998;
b. 50 % uiterlijk op 31 december 1998.