1. Het bedrag dat bij de berekening van het loon, waarnaar de door de werkgever verschuldigde premie ingevolge de
Werkloosheidswetwordt geheven, buiten aanmerking wordt gelaten, wordt voor het jaar 1998 vastgesteld op f 104 per dag.
2. In afwijking van het eerste lid wordt voor de werkgever die is aangesloten bij de sector Uitleenbedrijven, als bedoeld in artikel 1, onderdeel 52, van de Regeling indeling van het bedrijfs- en beroepsleven in sectoren, ten aanzien van de personen als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van het Besluit van 24 december 1986 , Stb. 1986, 655, houdende vaststelling van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in
artikel 5 van de Ziekteweten
artikel 5 van de Werkloosheidswet, het in het eerste lid bedoelde bedrag niet buiten aanmerking gelaten bij de berekening van het loon waarover de opslag op de wachtgeldpremie, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van het Besluit premievaststelling wachtgeldfondsen, wordt berekend.