1. Indien deze wet in het
Staatsbladwordt geplaatst op of voor 30 juni 1997 treden de artikelen Ien IIin werking op 1 juli 1997.
2. Indien deze wet in het
Staatsbladwordt geplaatst na 30 juni 1997 treden de artikelen Ien IIin werking op de eerste dag na plaatsing in het
Staatsbladen werken zij terug tot en met 1 juli 1997.
3. De artikelen IIIen IVtreden in werking met ingang van 1 januari 1998.
4. Onze Minister van Financiën kan, in afwijking in zoverre van de
artikelen 25en
26 van de Wet op de loonbelasting 1964, loonbelastingtabellen en loonbelastingtabellen voor bijzondere beloningen vaststellen die van toepassing zijn met ingang van een latere datum dan 1 juli 1997 waarin de ouderenaftrek zodanig is verwerkt dat de toepassing van de ouderenaftrek tot een te laag bedrag in de sinds 1 juli 1997 verstreken loontijdvakken zoveel mogelijk in de nog niet verstreken loontijdvakken van het kalenderjaar ongedaan wordt gemaakt. De vorige volzin is van overeenkomstige toepassing met betrekking tot de aanvullende ouderenaftrek.
5. In afwijking van artikel 53, zesde lid, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 geldt voor het kalenderjaar 1997 in plaats van het bedrag van f 1293 een bedrag van f 1108.
6. In afwijking van artikel 53, zevende lid, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 geldt voor het kalenderjaar 1997 in plaats van het bedrag van f 1198 een bedrag van f 1119.