BWBR0008498
Geldig vanaf 1997-07-01
Artikel 9.22
Arbeidsomstandighedenbesluit
1. Omtrent de wijze waarop de voorschriften, gesteld krachtens de <a href="/wet/BWBR0010346/artikel/6" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 6, eerste lid</a>, en <a href="/wet/BWBR0010346/artikel/16" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">16 van de wet</a>moeten worden nageleefd kan een eis worden gesteld overeenkomstig <a href="/wet/BWBR0010346/artikel/27" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 27, eerste lid, van de wet</a>.
2. Het eerste lid geldt niet in de gevallen, bedoeld in artikel 1.33.
3. Het eerste lid geldt voorts niet ten aanzien van de volgende artikelen:
a. van hoofdstuk 1: de artikelen 1.26 tot en met 1.32 en 1.34;
b. van hoofdstuk 4: de artikelen 4.1c, eerste lid, onder l, 4.58, 4.59, 4.60, eerste en derde lid, 4.61, tweede lid, 4.61b, 4.105, 4.108 en 4.109;
c. van hoofdstuk 6: de artikelen 6.27, 6.29 en 6.29a.
4. Bij het stellen van een eis aan een werkgever of werknemer, waarop zowel afdeling 2als afdeling 4of 6 van hoofdstuk 1van toepassing is, wordt het ter zake in afdeling 4of 6bepaalde in acht genomen.
5. Bij het stellen van een eis aan een werkgever of werknemer, waarop afdeling 4of 6 van hoofdstuk 1van toepassing is, wordt het ter zake in die afdeling bepaalde in acht genomen.
6. Indien ten aanzien van een of meer bepalingen van dit besluit overeenkomstig <a href="/wet/BWBR0010346/artikel/27" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 27, eerste lid, van de wet</a>, een eis tot naleving is gesteld, kan in die situatie van het betreffende voorschrift respectievelijk de betreffende voorschriften geen ontheffing meer worden verleend.
2. Het eerste lid geldt niet in de gevallen, bedoeld in artikel 1.33.
3. Het eerste lid geldt voorts niet ten aanzien van de volgende artikelen:
a. van hoofdstuk 1: de artikelen 1.26 tot en met 1.32 en 1.34;
b. van hoofdstuk 4: de artikelen 4.1c, eerste lid, onder l, 4.58, 4.59, 4.60, eerste en derde lid, 4.61, tweede lid, 4.61b, 4.105, 4.108 en 4.109;
c. van hoofdstuk 6: de artikelen 6.27, 6.29 en 6.29a.
4. Bij het stellen van een eis aan een werkgever of werknemer, waarop zowel afdeling 2als afdeling 4of 6 van hoofdstuk 1van toepassing is, wordt het ter zake in afdeling 4of 6bepaalde in acht genomen.
5. Bij het stellen van een eis aan een werkgever of werknemer, waarop afdeling 4of 6 van hoofdstuk 1van toepassing is, wordt het ter zake in die afdeling bepaalde in acht genomen.
6. Indien ten aanzien van een of meer bepalingen van dit besluit overeenkomstig <a href="/wet/BWBR0010346/artikel/27" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 27, eerste lid, van de wet</a>, een eis tot naleving is gesteld, kan in die situatie van het betreffende voorschrift respectievelijk de betreffende voorschriften geen ontheffing meer worden verleend.