BWBR0007858
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 9.05
Reglement onderzoek schepen op de Rijn 1995
Aarding ... [Regeling vervallen per 01-07-2009] 1 Voor installaties met spanningen boven 50 V is aarding noodzakelijk. 2 De bij het normale bedrijf niet onder spanning staande metalen delen die voor aanraking toegankelijk zijn, zoals fundaties en omhulsels van machines, apparaten en verlichting, moeten afzonderlijk zijn geaard, voor zover zij niet door hun bevestiging elektrisch geleidend met de scheepsromp zijn verbonden. 3 De omhulsels van verplaatsbare en draagbare apparaten moeten door middel van een extra ader die bij het normale bedrijf geen stroom voert en die in de voedingskabel is opgenomen, zijn geaard. Dit geldt niet bij het gebruik van een beschermingstransformator en voor apparaten waarvan de omhulsels bestaan uit isolatiemateriaal (dubbel geïsoleerd). 4 De doorsnede van de aardleiding moet tenminste gelijk zijn aan de waarde zoals aangegeven in de onderstaande tabel: Doorsnede van de stroomgeleider [mm 2 ] Minimum doorsnede van de aardleiding In geïsoleerde kabels [mm 2 ] Separate kabels [mm 2 ] 0,5 t/m 4 gelijk aan de doorsnede van de stroomgeleider 4 > 4 t/m 16 gelijk aan de doorsnede van de stroomgeleider gelijk aan de doorsnede van de stroomgeleider > 16 t/m 35 16 16 > 35 t/m 120 gelijk aan de halve doorsnede van de stroomgeleider gelijk aan de halve doorsnede van de stroomgeleider > 120 70 70