BWBR0007858
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 9.01
Reglement onderzoek schepen op de Rijn 1995
Algemene bepalingen ... [Regeling vervallen per 01-07-2009] 1 Indien voor bepaalde onderdelen van een installatie bijzondere voorschriften ontbreken, wordt de veiligheidsgraad als voldoende beschouwd wanneer die onderdelen zijn vervaardigd volgens een geldende Europese norm of volgens de voorschriften van een erkend classificatiebureau. De benodigde bescheiden moeten worden voorgelegd aan de Commissie van Deskundigen. 2 Aan boord moeten de volgende, door de Commissie van Deskundigen gewaarmerkte, bescheiden aanwezig zijn: a. overzichtschema's van de gehele elektrische installatie; b. schema's van het hoofdschakelbord, het noodschakelbord en de verdeelkasten waarop de belangrijkste technische gegevens zoals de nominale stroomsterkte van zekeringen en schakelapparatuur zijn aangegeven; c. gegevens betreffende de vermogens van elektrische apparaten; d. soort en doorsnede van de kabels. In geval van onbemande vaartuigen hoeven deze bescheiden zich niet aan boord te bevinden doch moeten zij te allen tijde bij de eigenaar beschikbaar zijn. 3 De installaties moeten voor een permanente slagzij van het schip tot 15° en een omgevingstemperatuur, bij plaatsing binnen in het schip, van 0° C tot + 40° C en, bij plaatsing aan dek, van -20° C tot + 40° C zijn uitgevoerd en moeten tot deze grenzen onberispelijk functioneren. 4 Elektrische en elektronische installaties en apparaten moeten goed toegankelijk en onderhoudsvriendelijk zijn.