BWBR0007858
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 24.06
Reglement onderzoek schepen op de Rijn 1995
Afwijkingen voor vaartuigen die niet onder artikel 24.01 vallen ... [Regeling vervallen per 01-07-2009] 1 Op vaartuigen waarvoor vanaf 1 januari 1995 voor het eerst een certificaat van onderzoek als bedoeld in dit reglement is afgegeven zijn de volgende bepalingen van toepassing, tenzij zij op 31 december 1994 in aanbouw of in ombouw waren. 2 Deze vaartuigen moeten voldoen aan de versie van het Reglement onderzoek schepen op de Rijn die van kracht is op de dag waarop het certificaat van onderzoek is afgegeven. In afwijking hiervan mogen passagiersschepen, waaraan met ingang van 1 januari 2006 en vóór 1 januari 2007 voor het eerst een certificaat van onderzoek overeenkomstig dit reglement wordt afgegeven, voldoen aan de op 31 december 2005 geldende voorschriften van hoofdstuk 15 van dit reglement. 3 Deze vaartuigen moeten aan de voorschriften, die na de eerste afgifte van hun certificaat van onderzoek van kracht zijn geworden, volgens de in de onderstaande tabel vermelde overgangsbepalingen worden aangepast. 4 Artikel 24.04, vierde en vijfde lid , zijn van overeenkomstige toepassing. 5 In de onderstaande tabel betekent: – «N.V.O.»: de betreffende bepaling is niet van toepassing op reeds in bedrijf zijnde vaartuigen, tenzij de betreffende delen worden vervangen of omgebouwd, dat wil zeggen dat deze bepaling slechts van toepassing is op Nieuwbouw, bij Vervanging of bij Ombouw van de betreffende delen of sectoren. Worden bestaande delen vervangen door delen welke in technische zin en bouwwijze gelijk zijn, dan wordt dit niet beschouwd als vervanging «V» volgens deze overgangsbepalingen. – «Verlenging certificaat»: aan het voorschrift moet zijn voldaan bij de eerstvolgende verlenging van de geldigheidsduur van het certificaat van onderzoek na de daarop aangegeven datum. HOOFDSTUK 3 Artikel Inhoud Termijn en voorwaarden Van kracht 3.03, lid 7 Voorschip; ankernissen Het voorschrift geldt vanaf 01.01.2001 bij N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2041 1.10.1999 3.03, lid 3, tweede zin Isolaties in machinekamers N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.04.2003 3.04, lid 3, derde en vierde zin Openingen en afsluitorganen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.10.2003 HOOFDSTUK 8 Artikel Inhoud Termijn en voorwaarden Van kracht 8.02, lid 4 Isolaties van machineonderdelen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.4.2003 8.03, lid 4 Inrichting voor automatische reductie van het toerental N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.4.2004 8.05, lid 9, 1 e alinea Peilinrichtingen moeten afleesbaar zijn tot aan de hoogste vulstand N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.4.1999 8.05, lid 13 Controle van de hoeveelheid brandstof niet alleen voor de voortstuwingsmotoren maar ook voor de voor de vaart noodzakelijke andere motoren N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2015 1.4.1999 HOOFDSTUK 8a Artikel Inhoud Termijn en voorwaarden Van kracht De voorschriften gelden niet a. voor motoren die vóór 1.1.2003 aan boord ingebouwd waren, en b. voor vervangingsmotoren 23 , die tot 31.12.2011 aan boord van schepen, die op 1.1.2002 in bedrijf waren, geïnstalleerd worden 1.1.2002 8a.02, lid 2 Grenswaarden Voor motoren die vóór 1.7.2007 aan boord ingebouwd waren, gelden de grenswaarden van de volgende tabel: 1.7.2007 P N [kW] CO [g/kWh] HC [g/kWh] NO x [g/kWh] PT [g/kWh] 37 ≤ P N < 75 6,5 1,3 9,2 0,85 75 ≤ P N < 130 5,0 1,3 9,2 0,70 P N ≥ 130 5,0 1,3 n ≥ 2800 min -1 = 9,2 500 n < 2800 min -1 = 45 · n (-0,2) 0,54 HOOFDSTUK 10 Artikel Inhoud Termijn en voorwaarden Van kracht 10.02, lid 2, onder a Keuringsbewijs voor stalen trossen en andere kabels Voor de 1 e tros die op het schip wordt vervangen: N.V.O., uiterlijk 1.1.2008. Voor de 2 e en 3 e tros: 1.1.2009, 1.1.2013 1.4.2003 10.03, lid 1 Europese norm Bij vervanging, uiterlijk 1.1.2010 1.4.2002 10.03, lid 2 Geschiktheid voor brandklasse A, B en C Bij vervanging, uiterlijk 1.1.2010 1.4.2002 10.03, lid 4 Hoeveelheid CO 2 en inhoud van de ruimten Bij vervanging, uiterlijk 1.1.2007 1.4.2002 10.03a Vast ingebouwde brandblusinstallaties in verblijven, stuurhuizen en passagiersruimten N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2035 1.4.2002 10.03b Vast ingebouwde brandblusinstallaties in machinekamers, ketelruimen en pompkamers **, uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2035 1.4.2002 10.04 Toepassing Europese norm op bijboten N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2015 1.10.2003 10.05, lid 2 Opblaasbare zwemvesten N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010. Zwemvesten die op 30.9.2003 aan boord zijn mogen tot aan de verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 verder worden gebruikt 1.10.2003 ** 1. Tussen 1 januari 1995 en 31 maart 2003 vast ingebouwde CO 2 -brandblusinstallaties blijven uiterlijk tot aan de verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2035 toegelaten, wanneer zij voldoen aan artikel 10.03, vijfde lid, van het op 31 maart 2002 van kracht zijnde Reglement onderzoek schepen op de Rijn. 2. Tussen 1 januari 1995 en 31 maart 2002 verstrekte aanbevelingen van de Centrale Commissie voor de Rijnvaart voor de toepassing van artikel 10.03, vijfde lid , van het op 31 maart 2002 van kracht zijnde Reglement onderzoek schepen op de Rijn blijven uiterlijk tot aan de verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2035 geldig. 3. Artikel 10.03b, tweede lid, onder a, geldt uiterlijk tot aan de verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2035 alleen dan, wanneer deze installaties worden ingebouwd in schepen waarvan de kiel is gelegd ná 1 oktober 1992. HOOFDSTUK 11 Artikel Inhoud Termijn en voorwaarden Van kracht 11.13 Opslag van brandbare vloeistoffen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.10.2002 HOOFDSTUK 12 Artikel Inhoud Termijn en voorwaarden Van kracht 12.05 Drinkwaterinstallaties N.V.O., uiterlijk 31.12.2006 1.4.2001 HOOFDSTUK 15 Artikel Inhoud Termijn en voorwaarden Van kracht 15.01, lid 1, onder c Niet van toepassing zijn van art. 8.06, lid 2, 2 e zin N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.01, lid 1, onder d Niet van toepassing zijn van art. 9.14, lid 3, 2 e zin, bij nominale spanningen boven 50 V N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.01, lid 2, onder b Verbod van oliekachels met verdampingsbranders bedoeld in art. 13.04 N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.01, lid 2, onder c Verbod van verwarmingen met vaste brandstoffen bedoeld in art. 13.07 N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.01, lid 2, onder e Verbod van vloeibaargasinstallaties bedoeld in hoofdstuk 14 N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.02, lid 2 Aantal en plaats van de schotten N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.02, lid 5, 2 e zin Indompelingsgrenslijn indien geen schottendek Voor passagiersschepen waarvan de kiel is gelegd vóór 1.1.1996 geldt het voorschrift bij N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.02, lid 15 Hoogte van dubbele bodem en breedte van dubbele wanden N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.03, lid 1 t/m 6 Stabiliteit van het onbeschadigde schip N.V.O., en bij verhoging van het toegelaten aantal passagiers uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.03, lid 7 t/m 13 Lekstabiliteit N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.03, lid 9 2-compartimentstatus N.V.O. 1.1.2006 15.05, lid 2, onder a Aantal passagiers waarvoor een verzamelruimte bedoeld in art. 15.06, lid 8, is aangetoond N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.05, lid 2, onder b Aantal passagiers waarvoor de stabiliteitsberekening bedoeld in art. 15.03 is uitgevoerd N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 1 Passagiersverblijven op alle dekken achter het aanvaringsschot N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 2 Kasten en ruimten als bedoeld in art. 11.13 voor brandbare vloeistoffen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.06, lid 3, onder c, 1 e zin Vrije hoogte van uitgangen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 3, onder c, 2 e zin Vrije breedte van deuren van hutten voor passagiers en andere kleine verblijven Voor de maat 0,7 m geldt N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 3, onder f, 1 e zin Afmeting van de nooduitgangen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 3, onder g Uitgangen van verblijven die zijn bestemd voor gebruik door personen met beperkte mobiliteit N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 4, onder d Deuren die zijn bestemd voor gebruik door personen met beperkte mobiliteit N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 5 Eisen aan verbindingsgangen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 6, onder b Vluchtwegen naar verzamelruimten N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 6, onder c Vluchtwegen niet door machinekamers en keukens N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.06, lid 6, onder d Geen gangen met klimtreden, ladders e.d. in vluchtwegen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 7 Geschikt veiligheidsgeleidesysteem N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 8 Eisen aan verzamelruimten N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 9, onder a t/m c, onder e en laatste zin Eisen aan trappen en portalen in het gedeelte voor passagiers N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 10, onder a, 1 e zin Verschansing volgens norm EN 711: 1995 N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 10, onder a, 2 e zin Hoogte van relingen en verschansingen van dekken die door personen met beperkte mobiliteit worden gebruikt N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 10, onder b, 2 e zin Vrije breedte van openingen die voor het embarkeren van personen met beperkte mobiliteit worden gebruikt N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 12 Loopplanken overeenkomstig norm EN 14206: 2003 N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.06, lid 13 Doorgangsruimten en wanden van doorgangsruimten die zijn bestemd voor het gebruik door personen met beperkte mobiliteit N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 14, 1 e zin Vervaardiging van glazen deuren, glazen wanden van doorgangsruimten en vensterruiten N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 15 Eisen aan opbouwen die volledig of waarvan de daken uit panoramaruiten bestaan N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 16 Drinkwaterinstallaties overeenkomstig art. 12.05 N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.06, lid 17, 2 e zin Eisen aan toiletten voor personen met beperkte mobiliteit N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.06, lid 18 Ventilatiesysteem voor hutten zonder vensters die geopend kunnen worden N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.07 Eisen aan het voortstuwingssysteem N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.08, lid 2 Eisen aan luidsprekerinstallaties in het passagiersgedeelte Voor passagiersschepen met L WL van minder dan 40 m of voor ten hoogste 75 personen geldt het voorschrift bij N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.08, lid 3 Eisen aan de alarminstallatie Voor schepen voor dagtochten geldt het voorschrift bij N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.08, lid 3, onder c Alarminstallatie voor het waarschuwen van de bemanning en het boordpersoneel door de scheepsleiding Voor hotelschepen geldt het voorschrift bij N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.08, lid 4 Bilge alarm voor iedere waterdichte afdeling N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.08, lid 5 Twee gemotoriseerde lenspompen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.08, lid 6 Vast geïnstalleerd lenssysteem als bedoeld in art. 8.06, lid 4 N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2015 1.1.2006 15.08, lid 7 Van binnen uit kunnen openen van deuren van koelruimten N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.08, lid 8 Automatische ventilatie voor CO 2 installaties in ruimten N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.08, lid 9 Verbandtrommels N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.09, lid 1, 1 e zin Reddingsboeien N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.09, lid 2 Individuele reddingsmiddelen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.09, lid 3 Inrichtingen voor het veilig van boord brengen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.09, lid 4 Individuele reddingsmiddelen voor 100% van de passagiers volgens EN 395: 1998 of EN 396: 1998 N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 Individuele reddingsmiddelen geschikt voor kinderen Deze worden tot aan de verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 als alternatief voor de individuele reddingsmiddelen beschouwd. 1.1.2006 Soort reddingsmiddelen Voor passagiersschepen die voor 1.1.2005 met de gepaste gemeenschappelijke reddingsmiddelen, waren uitgerust, worden deze tot aan de verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 als alternatief voor de individuele reddingsmiddelen beschouwd. Voor passagiersschepen die voor 1.1.2005 met gemeenschappelijke reddingsmiddelen overeenkomstig art. 15.09, lid 6, waren uitgerust, worden deze tot aan de verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 als alternatief voor de individuele reddingsmiddelen beschouwd. 1.1.2006 15.09, lid 9 Reddingsmiddelen getest volgens de indicaties van de fabrikant N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.09, lid 10 Bijboot uitgerust met motor en verstelbare schijnwerper N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.09, lid 11 Geschikte draagbaar N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.10, lid 2 Art. 9.16, lid 3, geldt ook voor gangen en ruimten waar passagiers verblijven N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2015 1.1.2006 15.10, lid 3 Voldoende noodverlichting N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2015 1.1.2006 15.10, lid 4 Noodstroominstallatie Voor schepen voor dagtochten met L WL van 25 m of minder geldt het voorschrift bij N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2015 1.1.2006 15.10, lid 4, onder f Noodstroom voor schijnwerpers bedoeld in art. 10.02, lid 2, onder i N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2015 1.1.2006 15.10, lid 4, onder i Noodstroom voor liften en hefinrichtingen bedoeld in art. 15.06, lid 9, 2 e zin N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2015 1.1.2006 15.10, lid 6 Eisen aan de noodstroominstallatie: 1.1.2006 15.10, lid 6, 1 e zin scheidingsvlakken bedoeld in art. 15.11, lid 2 N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2015 1.1.2006 15.10, lid 6, 2 e en 3 e zin inbouw van de kabels N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2015 1.1.2006 15.10, lid 6, 4 e zin noodstroominstallatie boven de indompelingsgrenslijn N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2015 1.1.2006 15.11, lid 1 Technische geschiktheid op het gebied van brandbescherming van materialen en onderdelen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.11, lid 2 Uitvoering van scheidingsvlakken N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.11, lid 3 In ruimten met uitzondering van machinekamers en voorraadruimten toegepaste oppervlakbehandeling en voorwerpen moeten moeilijk ontvlambaar zijn N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2015 1.1.2006 15.11, lid 4 Plafonds en stofferingen van wanden van onbrandbaar materiaal N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.11, lid 5 Meubels en constructies in verzamelruimten van onbrandbaar materiaal N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.11, lid 6 Brandtestmethode volgens de Code N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.11, lid 7 Isolatiemateriaal in verblijfsruimten onbrandbaar N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.11, lid 8, onder a, b, c 2 e zin, en d Eisen aan deuren in scheidingsvlakken N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.11, lid 9 Wanden van dek tot dek overeenkomstig lid 2 Op hotelschepen zonder sprinklerinstallatie eindigen van de wanden tussen hutten: N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.11, lid 10 Scheidingsvlakken N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.11, lid 12 Traptreden van staal of een ander gelijkwaardig onbrandbaar materiaal N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.11, lid 13 Omgeven van inwendig gelegen trappen door wanden overeenkomstig lid 2 N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.11, lid 14 Eisen aan ventilatie- en airconditioningsystemen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.11, lid 15 Keukens met ventilatiesystemen en keukenfornuizen met afzuiging N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.11, lid 16 Eisen aan controleposten, trappenschachten, verzamelruimten en rookafzuiginrichtingen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.11, lid 17 Brandmeldsysteem Voor schepen voor dagtochten: N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.12, lid 1 Draagbare blustoestellen aan boord Brandblussers en blusdekens in keukens, kapsalons en parfumerieën: N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.12, lid 2 Blusinstallatie Tweede bluspomp: N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.12, lid 4 Aansluitingen van de blusinstallaties N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.12, lid 5 Axiaal aangebrachte haspel N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.12, lid 6 Materialen; bescherming tegen uitvallen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.12, lid 7 Vermijden van de mogelijkheid dat pijpleidingen en blusinstallaties bevriezen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.12, lid 8, onder b Onafhankelijk functioneren van bluspompen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.12, lid 8, onder d Opstelling van bluspompen N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.12, lid 9 Brandblusinstallatie in machinekamers N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.12, lid 9 Brandblusinstallatie in machinekamers van staal of een ander gelijkwaardig onbrandbaar materiaal N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045. Deze overgangstermijn geldt niet voor passagiersschepen waarvan de kiel is gelegd na 31.12.1995 en waarvan de romp bestaat uit hout, aluminium of kunststof en waarvan de machinekamers niet zijn gebouwd van een materiaal als bedoeld in art. 3.04, lid 3 en lid 4. 1.1.2006 15.13 Veiligheidsorganisatie Voor schepen voor dagtochten: N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek 1.1.2006 15.14, lid 1 Verzameltanks voor afvalwater of zuiveringsinstallaties Voor hotelschepen met niet meer dan 50 bedden en voor schepen voor dagtochten: N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.14, lid 2 Eisen aan verzameltanks voor afvalwater Voor hotelschepen met niet meer dan 50 bedden en voor schepen voor dagtochten met niet meer dan 50 passagiers: N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.15, lid 1 Lekstabiliteit N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2045 1.1.2006 15.15, lid 5 Aanwezig zijn van een bijboot, een platform of een vergelijkbare inrichting Voor passagiersschepen die zijn toegelaten voor ten hoogste 250 passagiers of 50 bedden: N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.15, lid 6 Aanwezig zijn van een bijboot, een platform of een vergelijkbare inrichting Voor passagiersschepen die zijn toegelaten voor ten hoogste 250 passagiers of 50 bedden: N.V.O., uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2010 1.1.2006 15.15, lid 9 Alarminstallaties voor vloeibaargasinstallaties N.V.O., uiterlijk bij verlenging van de aantekening bedoeld in art. 14.15 1.1.2006 HOOFDSTUK 22A Artikel Inhoud Termijn en voorwaarden Van kracht 22a.05, lid 2 Aanvullende eisen voor vaartuigen met L van meer dan 110m die bovenstrooms van Mannheim willen varen Voor vaartuigen die een op 30.9.2001 nog geldige vergunning van een bevoegde autoriteit bezitten, gelden de voorschriften op het te bevaren riviergedeelte, waarvoor de vergunning was verleend, niet. 1-10-2001 22b.03 lid 3 In werking stellen van de tweede onafhankelijke aandrijving of van de handaandrijving N.V.O. uiterlijk bij verlenging van het certificaat van onderzoek na 1.1.2025. 1-04-2005 6 Bij nieuwbouw van schepen met een lengte van meer dan 110 m, waarvan de kiel is gelegd vóór 1 oktober 2001, kan het voldoen aan artikel 22a.05, tweede lid, onder d, achterwege blijven voor de vaart tussen Mannheim en Karlsruhe. Deze vaartbeperking moet in het certificaat van onderzoek worden aangetekend onder punt 10.