Artikel 1
1. De ambtenaar, aangesteld voor de uitvoering van de politietaak, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van het Besluit bezoldiging politie, die zich ten behoeve van visserijcontroles op volle zee met medewerkers van de Algemene Inspectiedienst van het ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij op een schip van de Koninklijke Marine bevindt, heeft aanspraak op een toelage.
2. De toelage bedraagt € 32,22 per etmaal, mits de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, zich minimaal drie dagen achtereen op het schip bevindt en bij de vaststelling van zijn diensttijden het in artikel 12, zesde lid, onder c, van het Besluit algemene rechtspositie politiegenoemde maximum aantal uren is vermeld.
3. De toelage bedraagt € 16,34 voor een gedeelte van een etmaal dat minder dan 12 uren bestrijkt.
4. De aanspraak op de toelage vangt aan op het tijdstip van inscheping en eindigt op het tijdstip van ontscheping.
5. De uitbetaling van de toelage geschiedt op declaratiebasis.
2. De toelage bedraagt € 32,22 per etmaal, mits de ambtenaar, bedoeld in het eerste lid, zich minimaal drie dagen achtereen op het schip bevindt en bij de vaststelling van zijn diensttijden het in artikel 12, zesde lid, onder c, van het Besluit algemene rechtspositie politiegenoemde maximum aantal uren is vermeld.
3. De toelage bedraagt € 16,34 voor een gedeelte van een etmaal dat minder dan 12 uren bestrijkt.
4. De aanspraak op de toelage vangt aan op het tijdstip van inscheping en eindigt op het tijdstip van ontscheping.
5. De uitbetaling van de toelage geschiedt op declaratiebasis.