Behoudens het bepaalde in artikel 3blijft de inning van een heffing als bedoeld in artikel 4 van de Beschikking superheffing 1988 voor de heffingsperioden 1991/1992 en 1992/1993 achterwege.
In afwijking van het bepaalde in artikel 2blijft bij producenten,
die in verband met een overtreding van de voorschriften van de Beschikking superheffing 1988 in één van de in artikel 2 genoemde heffingsperioden of in beide in artikel 2 genoemde heffingsperioden aan de voorwaarden ter voorkoming van strafvervolging, als bedoeld in artikel 74 van het Wetboek van Strafrecht hebben voldaan of,
van wie vorenbedoelde overtreding in een gerechtelijke procedure bewezen is verklaard, de inning van de in artikel 2 bedoelde heffing voor de heffingsperiode waarop het vorenbedoelde verval van recht tot strafvordering onderscheidenlijk de vorenbedoelde bewezenverklaring betrekking heeft, niet achterwege.