1. De in artikel I, onderdeel Z, bedoelde regeling omvat ten tijde van de inwerkingtreding van dit besluit de bepalingen overeenkomstig het Arbeidsovereenkomstenbesluit zoals dit luidde op 31 december 1994, voor zover die bepalingen van overeenkomstige toepassing werden verklaard in artikel 124, eerste lid, onder
a, van het
Reglement Dienst Buitenlandse Zakenzoals dat luidde vóór de inwerkingtreding van dit besluit. Daarbij is het gestelde in artikel 124, tweede lid, van dat reglement onverminderd van toepassing.
2. De in
artikel 120 van het Reglement Dienst Buitenlandse Zaken, zoals dat luidde vóór de inwerkingtreding van dit besluit, bedoelde werknemers die voor een bepaalde periode in dienst genomen zijn, worden aangesteld als tijdelijke ambtenaren van de DBZ, bedoeld in artikel 113
a. De datum waarop die aanstelling eindigt is de datum waarop de oorspronkelijke arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht zou eindigen.
3. Arbeidsovereenkomsten welke door, namens of in overeenstemming met Onze Minister zijn gesloten op de voet van
artikel 124 van het Reglement Dienst Buitenlandse Zakenzoals dat luidde vóór de inwerkingtreding van dit besluit, worden geacht te zijn gesloten op de voet van dat reglement zoals dat luidt ingevolge dit besluit.