BWBR0006923
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 3.22
Rijnvaartpolitiereglement 1995
Tekens van op hun aanlegplaats stilliggende veerponten ( Bijlage 3: schets 45, 46 ) ... 1 Een op zijn aanlegplaats stilliggende niet-vrijvarende veerpont moet des nachts de bij artikel 3.16, eerste lid , voorgeschreven lichten voeren. Bovendien moet de het meest bovenstrooms gelegen ankerschuit of drijver van een veerpont aan een langskabel des nachts het bij artikel 3.16, tweede lid , voorgeschreven licht voeren. 2 Een op zijn aanlegplaats stilliggende vrijvarende veerpont, die dienst doet, moet des nachts de bij artikel 3.16, eerste lid , voorgeschreven lichten voeren. Hij mag bovendien de bij artikel 3.08, eerste lid onder b en c , voorgeschreven lichten blijven voeren. Hij moet het groene licht bedoeld in artikel 3.16, eerste lid onder b , alsmede de lichten bedoeld in artikel 3.08, eerste lid onder b en c , doven, zodra hij buiten dienst is.