Artikel 1
1. De oproeping tot een bijeenkomst van de ledenvergadering geschiedt – de dag van verzending daaronder begrepen – ten minste veertien volle dagen tevoren door toezending aan alle leden van de NOvAA van een agenda, met vermelding van plaats, dag en aanvangsuur van de vergadering.
2. In spoedeisende gevallen ter beoordeling van het bestuur kan de in het eerste lid van dit artikel genoemde termijn worden bekort met dien verstande, dat de termijn van oproeping ten minste vijf volle dagen zal moeten zijn.
3. In een bijeenkomst van de ledenvergadering kunnen geen besluiten worden genomen ten aanzien van onderwerpen, welke niet op de agenda zijn vermeld.
2. In spoedeisende gevallen ter beoordeling van het bestuur kan de in het eerste lid van dit artikel genoemde termijn worden bekort met dien verstande, dat de termijn van oproeping ten minste vijf volle dagen zal moeten zijn.
3. In een bijeenkomst van de ledenvergadering kunnen geen besluiten worden genomen ten aanzien van onderwerpen, welke niet op de agenda zijn vermeld.