1. Het ingevolge artikel 2ten genoege van de Minister verrichte onderzoek dient in te houden dat de dierenarts ten minste een keer in de vier weken de op het bedrijf aanwezige dieren klinisch heeft onderzocht en heeft vastgesteld dat er geen verschijnselen van besmettelijke veeziekten genoemd in
artikel 7 van de Veeweten van varkenspest zijn.
2. Indien niet is voldaan aan het eerste lid, onderdeel a, wordt de verklaring slechts afgegeven indien de dierenarts het bedrijf serologisch heeft laten onderzoeken op de aanwezigheid van antistoffen tegen varkenspest overeenkomstig bijlage 2.