1. In afwijking van artikel 32 a, tweede lid, onder b, van de Wet op het wetenschappelijk onderwijs bedraagt het collegegeld voor in deeltijdse vorm verzorgde studierichtingen dan wel opleidingen van de tweede fase:
a. wat het studiejaar 1992-1993 betreft f 1475;
b. wat het studiejaar 1993-1994 betreft f 1550;
c. wat het studiejaar 1994-1995 betreft f 1625.
2. In afwijking van artikel 32 a, vijfde lid, bedraagt het examengeld voor extraneï:
a. wat het studiejaar 1992-1993 betreft f 1120;
b. wat het studiejaar 1993-1994 betreft f 1180;
c. wat het studiejaar 1994-1995 betreft f 1240.
1. In afwijking van artikel 37, vierde lid, onder b, van de Wet op het hoger beroepsonderwijs bedraagt het collegegeld voor in deeltijdse studierichtingen, deeltijdse cursussen hoger beroepsonderwijs dan wel opleidingen van de tweede fase:
a. wat het studiejaar 1992-1993 betreft f 1475;
b. wat het studiejaar 1993-1994 betreft f 1550;
c. wat het studiejaar 1994-1995 betreft f 1625.
2. In afwijking van artikel 42, vierde lid, bedraagt het examengeld voor extraneï:
a. wat het studiejaar 1992-1993 betreft f 1120;
b. wat het studiejaar 1993-1994 betreft f 1180;
c. wat het studiejaar 1994-1995 betreft f 1240.
Deze wet treedt in werking met ingang van 1 augustus 1992 voor wat betreft het hoger beroepsonderwijs en met ingang van 1 september 1992 voor wat betreft het wetenschappelijk onderwijs.