BWBR0005555
Geldig vanaf 2008-12-18
Artikel 3.27
Wet luchtvaart
1. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan een erkenning geheel of gedeeltelijk schorsen, wanneer een ernstig vermoeden rijst, dat het betrokken bedrijf niet voldoet aan de eisen, gesteld krachtens artikel 3.25.
2. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu heft de schorsing op zodra de redenen van de schorsing zijn komen te vervallen.
3. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan een erkenning intrekken, wanneer:
a. de houder daarom verzoekt;
b. het betrokken bedrijf niet voldoet aan de eisen, gesteld krachtens artikel 3.25;
c. de houder krachtens de hem verleende erkenning werkzaamheden verricht, waartoe deze niet erkend is;
d. de houder van de erkenning de daaraan verbonden voorschriften of beperkingen niet naleeft;
e. de erkenning gedurende ten minste drie maanden is geschorst, of
f. de houder in staat van faillissement verkeert.
2. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu heft de schorsing op zodra de redenen van de schorsing zijn komen te vervallen.
3. Onze Minister van Infrastructuur en Milieu kan een erkenning intrekken, wanneer:
a. de houder daarom verzoekt;
b. het betrokken bedrijf niet voldoet aan de eisen, gesteld krachtens artikel 3.25;
c. de houder krachtens de hem verleende erkenning werkzaamheden verricht, waartoe deze niet erkend is;
d. de houder van de erkenning de daaraan verbonden voorschriften of beperkingen niet naleeft;
e. de erkenning gedurende ten minste drie maanden is geschorst, of
f. de houder in staat van faillissement verkeert.