1. Deze wet treedt in werking met ingang van 1 augustus 1992 met uitzondering van
a. artikel I onderdelen E en I, en artikel II onderdelen C en F, die in werking treden met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst;
b. artikel I onderdeel I, voor zover het betreft artikel 96d, artikel I onderdeel K, voor zover het betreft artikel 104, eerste lid onderdeel c, artikel I onderdeel N, voor zover het betreft artikel 114a, tweede lid, artikel II onderdeel F, voor zover het betreft artikel 93e, artikel II onderdeel H, voor zover het betreft artikel 101, eerste lid onderdeel c, artikel II onderdeel K, voor zover het betreft artikel 110a, tweede lid, artikel III onderdeel E, voor zover het betreft artikel 84b, en artikel III onderdeel F, voor zover het betreft artikel 96d, eerste lid onderdeel c, die in werking treden op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip;
c. artikel III onderdelen H, I en J en artikel IV, die in werking treden met ingang van 1 januari 1993.
2. Tot het in het eerste lid onder
bbedoelde tijdstip kunnen bij ministeriële regeling voorschriften worden gegeven met betrekking tot de kosten van vervanging.
3. De artikelen van de
Wet op het primair onderwijsen de
Wet op de expertsiecentrazoals gewijzigd door de in het eerste lid onder
agenoemde artikelen, vinden voor de eerste maal toepassing ten aanzien van het schooljaar 1992-1993.