Als de autoriteiten, bedoeld in
artikel 16, tweede lid, van de Prijzennoodwet, worden aangewezen voor Onze Minister van:
a. Buitenlandse Zaken: de commissarissen van de Koning, ieder voor de provincie waarvoor hij is benoemd;
b. Veiligheid en Justitie: de commissarissen van de Koning, ieder voor de provincie waarvoor hij is benoemd;
c. Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties: de commissarissen van de Koning, ieder voor de provincie waarvoor hij is benoemd;
d. Financiën: de voorzitters van de managementteams van de Belastingdienst/Douane;
e. Defensie: de regionale militaire commandanten, ieder voor het gezagsgebied waarvoor hij is aangesteld;
f. Infrastructuur en Milieu: de hoofdingenieur-directeuren van de regionale organisatieonderdelen van het directoraat-generaal Rijkswaterstaat, ingesteld krachtens artikel 2, eerste lid, onder b, van het Instellingsbesluit directoraat-generaal Rijkswaterstaat 2013, ieder voor het gezagsgebied van het regionale organisatieonderdeel waarvoor hij is aangesteld;
g. Volksgezondheid, Welzijn en Sport: de inspecteurs van het Staatstoezicht op de volksgezondheid.