1. In afwijking van artikel 32 a, tweede lid, van de Wet op het wetenschappelijk onderwijs bedraagt het collegegeld voor in voltijdse vorm verzorgde studierichtingen dan wel opleidingen van de tweede fase:
a. wat het studiejaar 1991-1992 betreft f 1850;
b. wat het studiejaar 1992-1993 betreft f 1950;
c. wat het studiejaar 1993-1994 betreft f 2050;
d. wat het studiejaar 1994-1995 betreft f 2150.
2. In afwijking van artikel 32 a, vierde lid, bedraagt het collegegeld voor auditoren:
a. wat het studiejaar 1991-1992 betreft f 2590;
b. wat het studiejaar 1992-1993 betreft f 2730;
c. wat het studiejaar 1993-1994 betreft f 2870;
d. wat het studiejaar 1994-1995 betreft f 3010.
1. In afwijking van artikel 37, vierde lid, van de Wet op het hoger beroepsonderwijs bedraagt het collegegeld voor voltijdse studierichtingen, voltijdse cursussen hoger beroepsonderwijs dan wel opleidingen van de tweede fase:
a. wat het studiejaar 1991-1992 betreft f 1850;
b. wat het studiejaar 1992-1993 betreft f 1950;
c. wat het studiejaar 1993-1994 betreft f 2050;
d. wat het studiejaar 1994-1995 betreft f 2150.
2. In afwijking van artikel 43, vierde lid, bedraagt het collegegeld voor auditoren:
a. wat het studiejaar 1991-1992 betreft f 2590;
b. wat het studiejaar 1992-1993 betreft f 2730;
c. wat het studiejaar 1993-1994 betreft f 2870;
d. wat het studiejaar 1994-1995 betreft f 3010.
Deze wet treedt in werking met ingang van 1 augustus 1991 wat betreft het hoger beroepsonderwijs en met ingang van 1 september 1991 wat betreft het wetenschappelijk onderwijs, met uitzondering van artikel III, dat in werking treedt met ingang van 1 januari 1992.