BWBR0004800
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 8
Leidraad invordering 1990
... [Regeling vervallen per 01-07-2008] § 1. Invordering in eerste aanleg 1. Begin invordering Artikel 8 van de wet bevat de bepalingen die het begin van de invordering van een belastingaanslag regelen. De inspecteur stelt het bedrag van de belastingaanslag vast en maakt terzake daarvan een aanslagbiljet op. Daarmede wordt de uit de wet voortvloeiende materiële schuld geformaliseerd. Vervolgens maakt de ontvanger de belastingaanslag bekend door toezending of uitreiking van het aanslagbiljet aan de belastingschuldige. Volgens het CDW moet een douaneschuld direct nadat deze is geconstateerd, worden geboekt. Artikel 221 CDW bepaalt dat het bedrag van de rechten onmiddellijk na de boeking op een daartoe geëigende wijze dient te worden meegedeeld aan de schuldenaar. Op grond van artikel 22a AWR kan deze mededeling slechts plaatsvinden door middel van een uitnodiging tot betaling. Deze heeft als functie het formaliseren van het materieel verschuldigde bedrag. 2. Verzending/uitreiking aanslagbiljet Artikel 8, eerste lid, van de wet verplicht de ontvanger het door de inspecteur opgemaakte aanslagbiljet toe te zenden of aan de belastingschuldige uit te reiken. De toezending of uitreiking vormt de eerste daad van invordering. Overigens zal de toezending van het aanslagbiljet veelal namens de ontvanger door de Belastingdienst/Centrale administratie, sector informatieverwerking onderscheidenlijk sector autoheffingen geschieden. Aanslagbiljetten ten name van een onder curatele gestelde worden aan de curator gezonden. Ingeval van faillissement wordt het aanslagbiljet aan de curator gezonden als de belastingschuld in het faillissement valt, dan wel een boedelschuld vormt. Wanneer de belastingschuldige minderjarig is, wordt het aanslagbiljet aan de wettelijke vertegenwoordiger gezonden als bekend is dat verzending aan de belastingschuldige zelf al eerder bezwaren heeft opgeleverd. Aanslagbiljetten ten name van een belastingschuldige van wie bekend is dat hij is overleden, worden gezonden aan de executeur, de bewindvoerder over de nalatenschap of de erfgenamen. Uitnodigingen tot betaling, door de inspecteur vastgesteld in de vorm van een elektronisch bericht, worden door de ontvanger langs elektronische weg aan de belastingschuldige toegezonden. 3. Verzending via TPGPost Voor de verzending van de aanslagbiljetten en andere bescheiden maakt de ontvanger gebruik van de diensten van TPGPost. 4. Uitreiking Als de ontvanger dit wenselijk acht verzendt hij het aanslagbiljet niet, maar reikt hij het biljet aan de belastingschuldige dan wel aan diens wettelijke vertegenwoordiger uit. 5. Meer belastingschuldigen Artikel 8, tweede lid, van de wet bepaalt dat een belastingaanslag door de belastingschuldige - dat is degene op wiens naam het aanslagbiljet (mede) is gesteld - in zijn geheel verschuldigd is. Als op het aanslagbiljet meer dan één naam voorkomt, is ieder van hen als hoofdschuldenaar op grond van artikel 2, eerste lid, onderdeel k, van de wet die belastingaanslag in zijn geheel verschuldigd, ongeacht tot welke verrekening zij onderling zijn gehouden. 6. Betalingsplicht aangeslagene De gehoudenheid van de belastingschuldige tot betalen wordt niet geheel of gedeeltelijk ongedaan gemaakt door de omstandigheid, dat de in de belastingaanslag formeel tot uitdrukking gebrachte schuld afwijkt van hetgeen materieel is verschuldigd, noch door de omstandigheid dat de belastingaanslag ten name staat van een ander dan degene die de belasting materieel is verschuldigd. In dit verband wordt verwezen naar de mogelijkheid van uitstel van betaling in verband met een ingediend bezwaarschrift (zie artikel 25, § 2, van deze leidraad). 7. Vooraf inlichten van erfgenamen e.d. Als voor een belastingaanslag ten name van een overledene tegen de erfgenamen afzonderlijk moet worden opgetreden, worden zij zoveel mogelijk vooraf schriftelijk uitgenodigd het verschuldigde binnen een redelijke termijn te voldoen. Voordat verhaal wordt gezocht op met vruchtgebruik of recht van gebruik bezwaarde zaken of op goederen, verkregen onder de ontbindende voorwaarde van overlijden waarbij zich een opschortende voorwaarde ten gunste van een verwachter aansluit, licht de ontvanger de andere belanghebbende(n) dan de belastingschuldige zoveel mogelijk over zijn voornemen in.