BWBR0004800
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 44c
Leidraad invordering 1990
c ... [Regeling vervallen per 01-07-2008] § 1. Aansprakelijkheid verzekeraars van kapitaalverzekeringen eigen woning 1. Algemeen De verzekeraar van een kapitaalverzekering eigen woning (deze verzekering wordt ook wel aangeduid als een "spaarhypotheek") is op grond van artikel 44c van de wet aansprakelijk voor de belasting die verschuldigd wordt in verband met het feit dat een kapitaalverzekering eigen woning ingevolge artikel 3.116, vierde lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 geacht wordt tot uitkering te zijn gekomen. De verzekeraar is aansprakelijk voor de verschuldigde belasting tot ten hoogste de waarde in het economisch verkeer van de uitkering. De aansprakelijkheid van artikel 44c van de wet strekt zich tevens uit tot de verschuldigde heffingsrente. Met betrekking tot de aansprakelijkheid voor invorderingsrente wordt verwezen naar artikel 32, §3, van deze leidraad. 2. Situatie waarin een kapitaalverzekering eigen woning wordt geacht tot uitkering te zijn gekomen Op grond van artikel 3.116, vierde lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 wordt een kapitaalverzekering eigen woning ingeval de verzekeringnemer van de kapitaalverzekerde eigen woning of de begunstigde met betrekking tot die kapitaalverzekering, ophoudt binnenlands belastingplichtige te zijn (emigreert), geacht op het onmiddellijk aan die emigratie voorafgaande tijdstip tot uitkering te zijn gekomen bij de verzekeringnemer of de begunstigde tot de kapitaalverzekering. 3. Emigratie Ingeval van emigratie wordt de verschuldigde belasting die voortvloeit uit artikel 3.116, vierde lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 geheven door middel van een conserverende belastingaanslag. Voor de terzake verschuldigde belasting alsmede voor de heffingsrente, is de verzekeraar aansprakelijk tot ten hoogste het bedrag van de waarde in het economische verkeer van de aanspraak ten tijde van de emigratie. In de praktijk zal de belastingschuldige om uitstel van betaling als bedoeld in artikel 25, zesde lid, van de wet hebben gevraagd. De ontvanger gaat tijdens de looptijd van het uitstel niet over tot aansprakelijkstelling van de verzekeraar. 4. Mededeling door de inspecteur Zodra de aansprakelijkheid op grond van artikel 44c is ontstaan, wordt de verzekeraar, ongeacht of de belastingplichtige te zijner tijd tot betaling van de verschuldigde belasting zal overgaan, daarvan zo spoedig mogelijk door de inspecteur, waaronder de belastingplichtige ressorteert, op de hoogte gesteld. Daarbij wordt tevens mededeling gedaan van het bedrag waarvoor de verzekeraar eventueel aansprakelijk kan worden gesteld. De inspecteur informeert de ontvanger over de verzending van de mededeling aan de verzekeraar. Indien jaarlijks een aangepaste conserverende belastingaanslag aan de belastingplichtige moet worden opgelegd, stelt de inspecteur de verzekeraar op de hoogte van de wijziging van de aansprakelijkheid. 5. Aansprakelijkheid De ontvanger zal zich in beginsel eerst verhalen op de vermogensbestanddelen van de belastingschuldige voordat hij overgaat tot uitwinning ten laste van de verzekeraar. Pas nadat de belastingschuldige in gebreke is - hetgeen het geval is wanneer de belastingschuld niet is voldaan binnen de voor de aanslag geldende betalingstermijn of, bij toepassing van artikel 10 van de wet, terstond - vindt aansprakelijkheidstelling plaats. Zie artikel 49 van deze leidraad dat integraal van toepassing is. 6. Omvang van de aansprakelijkheid De omvang van de aansprakelijkheid wordt gevormd door de verschuldigde belasting, vermeerderd met de heffings- en invorderingsrente (zie het eerste lid van deze paragraaf). De verschuldigde belasting wordt gesteld op het evenredige gedeelte van de belasting die meer is verschuldigd terzake van alle kapitaalverzekeringen eigen woning die in het jaar op grond van artikel 3.116, vierde lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 worden geacht tot uitkering te zijn gekomen.