BWBR0004800
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 12
Leidraad invordering 1990
... [Regeling vervallen per 01-07-2008] § 1. Het dwangbevel 1. Algemeen De ontvanger ziet er nauwlettend op toe dat de uitvaardiging van dwangbevelen op de juiste wijze geschiedt. Het dwangbevel is een beschikking in de zin van de Awb. Het karakter van het dwangbevel brengt mee dat alle zorg wordt besteed aan een juiste opmaking. In het bijzonder wordt daaraan aandacht geschonken als het dwangbevel wordt verleend tegen een ander dan de belastingschuldige; dan moet duidelijk blijken op welke gronden dit geschiedt. Voorts wordt het dwangbevel op duidelijk leesbare wijze ingevuld en blijft het stellen van aantekeningen - ook op de achterzijde - zoveel mogelijk beperkt tot datgene waarmee in de tekst rekening is gehouden. 2. Onderwerp van het dwangbevel Een dwangbevel wordt uitgevaardigd voor het per saldo verschuldigde bedrag van op een aanslagbiljet voorkomende belastingaanslagen en beschikking respectievelijk voor het per saldo verschuldigde bedrag van de termijnen waarvoor een aanmaning is verzonden, verminderd met de inmiddels gedane betalingen, verleende verminderingen en bedragen waarvoor kwijtschelding of uitstel van betaling is verleend. 3. Tegen wie wordt een dwangbevel verleend? Een dwangbevel wordt verleend tegen de belastingschuldige of diens rechtsopvolgers. Tegen een borg, ook al heeft deze zich verbonden als hoofdelijk medeschuldenaar, wordt geen dwangbevel verleend; als executoriale titel dient dan de grosse van de authentieke akte of een rechterlijk vonnis. Dwangbevelen betreffende belastingaanslagen van minderjarigen en onder curatele staande personen worden verleend tegen de belastingschuldige zelf. Als de ontvanger met de minderjarigheid of curatele bekend is, wordt dit in het dwangbevel tot uitdrukking gebracht. De ontvanger hoeft, als de minderjarigheid of de curatele hem niet bekend is, terzake niet vooraf een daarop gericht onderzoek in te stellen. Als belastingschuld van een overledene moet worden verhaald op diens - nog onverdeelde - nalatenschap wordt één dwangbevel verleend tegen de gezamenlijke erfgenamen. In dat geval is het niet nodig dat de erfgenamen in het dwangbevel afzonderlijk worden vermeld. Dit is anders als betekening op de voet van artikel 53 Rv niet mogelijk of niet wenselijk is en betekening plaats heeft aan alle erfgenamen afzonderlijk. In dat geval worden alle erfgenamen met naam en adres alsmede met hun kwaliteit van erfgenaam van de overleden belastingschuldige in het dwangbevel vermeld, zonder dat daarbij evenwel het deel van ieders aansprakelijkheid tot uitdrukking wordt gebracht. Voor successierecht wordt het dwangbevel verleend tegen "de verkrijgers uit de nalatenschap van....", waarbij altijd de namen en adressen van die verkrijgers op het dwangbevel worden vermeld. Wordt voor het door een verkrijger verschuldigde deel van het successierecht, dat het gevolg is van zijn eigen verkrijging, invordering ten laste van het vermogen van die afzonderlijke verkrijger beoogd, dan wordt een (nieuw) dwangbevel uitgevaardigd op naam van die verkrijger.