Artikel I
1. De minister van Verkeer en Waterstaat beslist op een verzoek om typegoedkeuring van een radarinstallatie dan wel van een bochtaanwijzer. Bij een typegoedkeuring wordt tevens een goedkeuringsnummer verleend.
2. Een verzoek om typegoedkeuring moet worden ingediend bij de Inspecteur-generaal van de Inspectie Verkeer en Waterstaat.
3. Een verzoek om typegoedkeuring dient vergezeld te gaan van:
a. het bewijs van een geslaagde typekeuring bedoeld in artikel II;
b. in geval van een radarinstallatie: het testrapport van de radarinstallatie en het meetrapport van het horizontale en vertikale antennestralingsdiagram;
c. in geval van een bochtaanwijzer: het resultaat van de keuring en de desbetreffende meetrapporten. De bescheiden als bedoeld in artikel II, tweede lid en de bij de typekeuring verkregen gegevens worden (in enkelvoud) bewaard bij de Inspecteur-generaal van de Inspectie Verkeer en Waterstaat.
2. Een verzoek om typegoedkeuring moet worden ingediend bij de Inspecteur-generaal van de Inspectie Verkeer en Waterstaat.
3. Een verzoek om typegoedkeuring dient vergezeld te gaan van:
a. het bewijs van een geslaagde typekeuring bedoeld in artikel II;
b. in geval van een radarinstallatie: het testrapport van de radarinstallatie en het meetrapport van het horizontale en vertikale antennestralingsdiagram;
c. in geval van een bochtaanwijzer: het resultaat van de keuring en de desbetreffende meetrapporten. De bescheiden als bedoeld in artikel II, tweede lid en de bij de typekeuring verkregen gegevens worden (in enkelvoud) bewaard bij de Inspecteur-generaal van de Inspectie Verkeer en Waterstaat.