De commissie heeft tot taak om, met inachtneming van hetgeen is opgenomen in paragraaf 1, punt 24 van het Regeeraccoord (Kamerstukken 11, 1989–1990, 21 132, nr. 9 blz. 13–14), advies uit te brengen over verdere vereenvoudiging en verbreding van het draagvlak van de loon- en inkomstenbelasting en ter stroomlijning van de belasting op de ondernemingswinst.
1. Tot lid, tevens voorzitter van de commissie wordt benoemd: mr. W. F. C. Stevens;
2. Tot leden van de commissie worden benoemd:
Mr. C. W. M. van Ballegooijen;
Prof. dr. J. C. K. W. Bartel;
Prof. mr. H. J. Hofstra;
Prof. mr. C. A. de Kam;
Mw. mr. E. J. J. E. van Leeuwen-Schut;
Mr. A. Overbosch;
Mr. H. Smit;
Dr. G. Zoutendijk.
Ter uitvoering van haar taak kan de commissie zich rechtstreeks tot derden wenden voor het verkrijgen van inlichtingen. Zij kan ook zo nodig derden ter vergadering uitnodigen om hun mening nader uiteen te laten zetten.
1. De commissie besluit met meerderheid van stemmen; indien nodig heeft de voorzitter een beslissende stem.
2. Afwijkende opvattingen, die door een minderheid ter vergadering ter sprake zijn gebracht, worden desgewenst in de stukken weergegeven.
1. De leden van de commissie alsmede de in artikel 5bedoelde personen ontvangen vacatiegelden alsmede een vergoeding voor de reis- en verblijfkosten volgens de bestaande rijksregelingen, voor zover niet uit anderen hoofde een vergoeding van deze kosten wordt verleend uit 's Rijks kas.
2. De overigens uit de uitvoering van dit besluit voortvloeiende kosten worden vergoed op basis van een vooraf ingediende en door de Minister van Financiën goedgekeurde begroting.
3. Na voltooiing van haar werkzaamheden legt de commissie rekening en verantwoording af.
Een ieder die betrokken is bij de werkzaamheden van de commissie en daarbij de beschikking krijgt over gegevens, waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs moet vermoeden, en voor wie niet reeds uit hoofde van ambt, beroep of wettelijk voorschrift ter zake van die gegevens een geheimhoudingsplicht geldt, is verplicht tot geheimhouding daarvan behoudens voor zover wettelijk voorschrift hem tot bekendmaking verplicht of uit zijn taak bij deze werkzaamheden de noodzaak tot bekendmaking voortvloeit.