1. Tot en met 31 december 1989 wordt vrijstelling verleend van het bepaalde in artikel 3van de beschikking voor zover het betreft het vissen met:
a. maximaal twee fuiken of maximaal 30 meter hoekwant in de Oosterschelde of
b. maximaal twee fuiken, maximaal 30 meter hoekwant of maximaal 30 meter staand want in de Westerschelde, de Waddenzee, het Nederlandse gedeelte van de Dollard, het Nederlandse gedeelte van de Eems of de buitenhavens van Delfzijl.
2. Tot en met 31 december 1989 wordt vrijstelling verleend van het bepaalde in artikel 3van de beschikking voor zover het betreft het vissen met maximaal 150 meter staand want of maximaal 200 meter hoekwant in de gedeelten van de Waddenzee die in bijlage 1bij deze regeling zijn vermeld.
3. De vrijstelling als bedoeld in het eerste en tweede lid geldt niet voor de in bijlage 2bij deze regeling genoemde wateren.
4. Aan de in het eerste en tweede lid bedoelde vrijstelling worden de volgende voorschriften verbonden:
a. een fuik, hoekwant of staand want dient boven het waterpeil voorzien te zijn van een bordje waarop duidelijk leesbaar vermelde zijn naam, adres, woonplaats en telefoonnummer van de visser;
b. bij beëindiging van de visserij of verplaatsing van de in het eerste en tweede lid genoemde vistuigen dienen de daarbij gebruikte palen of stokken te worden verwijderd;
c. de in het eerste en tweede lid genoemde vistuigen dienen minimaal 100 meter van door andere vissers in het water geplaatste vistuigen te worden geplaatst;
d. de visser dient aanwijzingen van ambtenaren van de Rijkspolitie te water en van ambtenaren van het Ministerie van Landbouw en Visserij op te volgen.
Het is verboden voor degene wiens naam niet op de vistuigen als bedoeld in artikel 2, eerste en tweede lid, staat vermeld de visserij met de in artikel 2, eerste en tweede lid, genoemde vistuigen uit te oefenen.
Het is verboden de in artikel 2, eerste en tweede lid, genoemde vistuigen aaneengesloten in het water te plaatsen of voorzieningen aan te brengen die deze vistuigen tot één geheel maken.
1. Deze regeling treedt in werking op de dag na die van haar bekendmaking in de Staatscourant.
2. Deze regeling kan worden aangehaald als: Regeling vrijstelling visserij vaste vistuigen kustwateren 1989.