BWBR0004607
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 340
Vissersvaartuigenbesluit
Verplichtingen en procedure aangaande noodberichten ... 1 De kapitein van een zich op zee bevindend vaartuig is verplicht, wanneer hij een melding, uit welke bron ook, ontvangt dat een schip, vaartuig of vliegtuig of reddingmiddelen daarvan afkomstig, in nood is of zijn, met de meeste spoed de in nood verkerende personen te hulp te komen, hen zo mogelijk daaromtrent inlichtende, tenzij hij niet in staat is of het, gezien de bijzondere omstandigheden van het geval, onredelijk of onnodig acht hen te hulp te komen. 2 De kapitein van een in nood verkerend vaartuig heeft het recht, na voorzover dat mogelijk is de kapiteins van de schepen of vaartuigen die zijn oproep om hulp hebben beantwoord, te hebben geraadpleegd, een of meer van deze schepen of vaartuigen die hij het beste in staat acht hulp te verlenen, daartoe op te vorderen en het is de plicht van de kapitein van een opgevorderd schip of vaartuig daaraan te voldoen door met de meeste spoed het te hulp komen van de in nood verkerende personen voort te zetten. 3 De kapitein van een vaartuig is ontheven van de ingevolge het bepaalde in het eerste lid op hem rustende verplichting wanneer hij verneemt, dat een of meer schepen of vaartuigen doch niet het zijne, is of zijn opgevorderd en daaraan gevolg geeft of geven. 4 De kapitein van een vaartuig is ontheven van de ingevolge het bepaalde in het eerste lid op hem rustende verplichting en, indien zijn vaartuig is opgevorderd, van de ingevolge het bepaalde in het tweede lid op hem rustende verplichting, indien hem door de in nood verkerende personen of door de kapitein van een ander schip of vaartuig dat deze personen heeft bereikt, wordt medegedeeld dat hulpverlening niet langer nodig is.