BWBR0004607
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 272
Vissersvaartuigenbesluit
Dagboek bestemd voor radiotelefonie ... 1 Aan boord van een vaartuig dat is uitgerust met een radiotelefoonstation, moet een dagboek bestemd voor radiotelefonie, in dit artikel verder te noemen radiodagboek, aanwezig zijn, dat gedurende de reis moet worden bewaard op de plaats waar de luisterdienst wordt onderhouden. Wanneer een radio-officier of radiotelefonist, dan wel een ander lid van de bemanning de voorgeschreven radiotelefonieluisterdienst uitoefent, moet deze zijn naam en de bijzonderheden van alle zich tijdens de wacht voordoende, met de radiodienst verband houdende voorvallen die van belang kunnen zijn voor de beveiliging van mensenlevens op zee, in het radiodagboek vermelden. 2 In het radiodagboek moet, naast hetgeen daarin krachtens het Radioreglement moet worden ingevuld, het volgende worden opgenomen: 1°. de tijden gedurende welke luisterdienst als bedoeld in artikel 255 is gehouden. Deze aantekeningen moeten door hen die de luisterdienst hebben verricht, worden ondertekend; 2°. het tijdstip waarop bij het verlaten van een haven de luisterdienst begint en het tijdstip waarop bij het binnenlopen van een haven die dienst wordt beëindigd; 3°. het tijdstip waarop om enigerlei reden de luisterdienst wordt onderbroken, de reden voor die onderbreking en het tijdstip waarop de luisterdienst wordt hervat; 4°. nauwkeurige gegevens omtrent het onderhoud en het laden van de accumulatorenbatterijen; 5°. wekelijks, bijzonderheden omtrent het beproeven van het draagbare radiotoestel voor groepsreddingmiddelen; en 6°. bijzonderheden met betrekking tot de richtingzoeker. 3 In geval met betrekking tot het onderhoud en het laden der accumulatorenbatterijen, als bedoeld in het tweede lid, onder 4, afzonderlijke, door of namens het Hoofd van de Scheepvaartinspectie aanvaarde, accumulatorenrapporten worden bijgehouden, kan daarnaar in het Radiodagboek worden verwezen. Deze rapporten maken in dat geval deel uit van het radiodagboek en zijn onderworpen aan de op het radiodagboek van toepassing zijnde voorschriften. 4 Radiodagboeken moeten op verzoek van een ambtenaar van de Scheepvaartinspectie aan hem ter inzage worden gegeven.