BWBR0004607
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 265
Vissersvaartuigenbesluit
Portofoon voor groepsreddingmiddelen ... 1 De portofoon voor groepsreddingmiddelen, voorgeschreven in artikel 197, vijfde lid, moet zodanig zijn ontworpen dat het toestel in een noodsituatie kan worden gebruikt door een onervaren persoon. 2 De portofoon moet draagbaar zijn en voor communicatie aan boord gebruikt kunnen worden. 3 De portofoon moet voldoen aan de van toepassing zijnde voorschriften die in het Radioreglement zijn gesteld ten aanzien van apparatuur voor gebruik aan boord in de Maritieme Mobiele Radiodienst en moet kunnen werken op de kanalen, aangegeven in het Radioreglement, en op de kanalen die door het Hoofd van de Scheepvaartinspectie worden voorgeschreven. Indien de portofoon kan werken op de bij kanaal 16 behorende frequentie in de VHF-band, moeten maatregelen zijn genomen om ongewilde overschakeling naar kanaal 16 te voorkomen. 4 De portofoon moet gevoed worden door een batterij die voldoende capaciteit heeft om het toestel gedurende 4 uur te laten werken met een zendcyclus van 1 : 9. 5 Gedurende de reis moet de portofoon in deugdelijke toestand worden gehouden en moet, wanneer nodig, de batterij volledig opgeladen of vervangen worden.