BWBR0004607
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 207
Vissersvaartuigenbesluit
Voorzieningen voor inscheping, tewaterlating en terugzetten van hulpverleningsboten ... 1 De voorzieningen voor inscheping in en tewaterlating van hulpverleningsboten moeten zo zijn uitgevoerd dat in de kortst mogelijke tijd de hulpverleningsboot kan worden bemand en te water gelaten. 2 Indien de hulpverleningsboot een van de groepsreddingmiddelen van het vaartuig is, moeten de inschepingsvoorzieningen en de tewaterlatingsplaats voldoen aan het bepaalde in de artikelen 202 en 203. 3 De tewaterlatingsvoorzieningen moeten voldoen aan het bepaalde in artikel 206. Alle hulpverleningsboten moeten bovendien te water gelaten kunnen worden, waar nodig met gebruikmaking van een vanglijn, terwijl het vaartuig met een snelheid tot 5 zeemijl per uur in kalm water vooruit vaart. 4 Het snel weer terugzetten van de hulpverleningsboot met volle bezetting en volledige uitrusting moet mogelijk zijn. Indien de hulpverleningsboot tevens dienst doet als reddingboot, dan moet snel terugzetten mogelijk zijn wanneer de boot is voorzien van de voor een reddingboot voorgeschreven uitrusting en een bezetting van ten minste 6 personen.